Belastingdienst

Bezittingen in box 3

Als u in Nederland woont, betaalt u in Nederland belasting over uw inkomsten uit sparen en beleggen in box 3. Woont u niet in Nederland, dan belasten wij niet al uw vermogen. Wij belasten meestal wel uw onroerende zaken in Nederland, bijvoorbeeld uw vakantiewoning. Uw Nederlandse bankrekening, of een in Nederland afgesloten lijfrenteverzekering en dergelijke, blijven buiten beschouwing.

Berekening van inkomsten

Het vermogen is het verschil tussen de waarde van uw bezittingen en de waarde van de schulden die betrekking hebben op deze bezittingen. De peildatum hiervoor is 1 januari. Dit bedrag wordt de grondslag sparen en beleggen genoemd. Uw inkomsten stellen we op 4% per jaar van de grondslag sparen en beleggen. Dit heet het forfaitair rendement. De inkomsten die u in werkelijkheid had, zijn niet van belang. Over het forfaitair rendement van 4% van de grondslag sparen en beleggen, betaalt u 30% inkomstenbelasting.

Bezittingen die onder het vermogen vallen

De volgende bezittingen in Nederland moet u aangeven:

  • onroerende zaken in Nederland
    Het gaat om onroerende zaken die niet als uw eigen woning zijn aan te merken, bijvoorbeeld een vakantiehuis of verhuurd pand in Nederland. Als u een eigen woning hebt in Nederland, dan geeft u de inkomsten daaruit aan in box 1.
  • rechten op in Nederland gelegen onroerende zaken
    Rechten die direct of indirect betrekking hebben op onroerende zaken in Nederland, bijvoorbeeld een recht van vruchtgebruik of erfpacht.
  • rechten op aandelen in de winst van een onderneming in Nederland
    Het gaat om ondernemingen waarvan de leiding in Nederland is gevestigd. Het gaat niet om rechten die voortkomen uit effectenbezit of een dienstbetrekking. Verder mogen de rechten niet eerder in box 1 of box 2 zijn aangegeven.

Schulden

Schulden die betrekking hebben op uw bezittingen tellen mee bij de berekening van het vermogen. Bijvoorbeeld een hypothecaire geldlening op een vakantiehuis in Nederland.

Voorbeeld

De waarde van uw bezittingen en schulden is op 1 januari € 50.000. De grondslag sparen en beleggen is dan € 50.000. Het forfaitair rendement wordt gesteld op 4% van € 50.000 = € 2.000. Dit bedrag is het belastbaar inkomen uit sparen en beleggen. Hierover betaalt u 30% belasting.

Niet het hele jaar in Nederland belastingplichtig

Het kan zijn dat u niet het hele jaar in Nederland belastingplichtig bent. In dat geval geldt toch de peildatum 1 januari voor de berekening van de grondslag sparen en beleggen, maar wordt het percentage voor de berekening van het forfaitair rendement tijdsevenredig aangepast.

Voorbeeld

U woont niet in Nederland. U bent alleen buitenlands belastingplichtig omdat u een woning in Nederland bezit. Op 15 juli verkoopt u de woning. Vanaf dat moment hoeft u in Nederland geen belasting meer te betalen. Echter, de peildatum voor de berekening van de grondslag sparen en beleggen is in dit geval 1 januari. Het forfaitaire rendement wordt vervolgens tijdsevenredig herleid. Dit rendement is dan 6/12 x € 2.000 = € 1.000.