Sinds 1 januari 2005 geldt als uitgangspunt dat een werknemer pas op 65-jarige leeftijd stopt met werken. Dit heeft tot gevolg dat de fiscale faciliëring van (pre)pensioen- en VUT-regelingen vanaf 1 januari 2005 is vervallen. Voor sommige regelingen die al bestonden vóór 1 januari 2005, is hierop een uitzondering gemaakt.
Als een prepensioenregeling vóór 1 januari 2005 is ingevoerd, kan deze blijven bestaan volgens de regels die op 31 december 2004 golden, als de prepensioenregeling alleen recht geeft op een of meer van de volgende uitkeringen:
Bij collectieve pensioenregelingen mogen de aanspraken op vroegpensioen die vóór 1 januari 2005 zijn opgebouwd blijven bestaan volgens de regels die op 31 december 2004 golden. Het moet dan gaan om aanspraken op grond van verplichte deelname aan een collectieve regeling of op grond van individuele aanvullingen op verplichte collectieve regelingen.
Let op!
Bij individuele aanvulling van pensioentekorten moeten rechten op vroegpensioen en prepensioen eerst worden herrekend naar pensioenrechten op 65-jarige leeftijd en kan daarna een eventueel aan te vullen pensioentekort worden berekend.
Als een VUT- en omslaggefinancierde prepensioenregeling vóór 1 januari 2005 is ingevoerd, kan deze blijven bestaan volgens de regels die op 31 december 2004 golden, als de regeling alleen recht geeft op een of meer van de volgende uitkeringen:
Bij VUT-regelingen die niet voldoen aan deze voorwaarden moet u 26% eindheffing berekenen over de werkgeversbijdrage. Daarnaast is de bijdrage van uw werknemer nog maar voor de helft aftrekbaar van het loon.
Let op!
Vanaf 2011 wordt de eindheffing op de werkgeversbijdrage 52% en is de werknemersbijdrage niet meer aftrekbaar van het loon.
