Voor welke investeringen hebt u geen recht op investeringsaftrek?
Voor sommige investeringen hebt u geen recht op investeringsaftrek. Het gaat dan om:
- investeringen in bepaalde bedrijfsmiddelen, zoals woonhuizen, grond, dieren, personenauto's die niet bestemd zijn voor beroepsvervoer, vaartuigen voor representatieve doeleinden, effecten, vorderingen, goodwill en publiekrechtelijke vergunningen
En ook: bedrijfsmiddelen die zijn bestemd voor verhuur of voor gebruik in het buitenland, en bedrijfsmiddelen die minder dan € 450 per stuk kosten.
- bedrijfsmiddelen zoals gereedschap die u van uw privévermogen overbrengt naar het vermogen van uw onderneming
- investeringen waarvoor u verplichtingen aangaat tegenover personen die behoren tot uw huishouden, bloed- en aanverwanten in de rechte lijn of personen die behoren tot hun huishouden
Als u bijvoorbeeld een bedrijfsmiddel koopt van uw vader, hebt u geen recht op investeringsaftrek.
- als u een besloten vennootschap (bv) hebt: investeringen waarvoor de bv verplichtingen aangaat tegenover personen of rechtspersonen (bijvoorbeeld bv's en nv's) die een nauwe band met uw eigen bv hebben
Als u bijvoorbeeld aandeelhouder bent van een bv en u verkoopt een bedrijfsmiddel aan de bv, dan heeft de bv geen recht op investeringsaftrek. Ook in de omgekeerde situatie – u bent de ondernemer en u koopt een bedrijfsmiddel van de bv waarvan u aandeelhouder bent – bestaat in principe geen recht op investeringsaftrek.
Let op!
In de laatste 2 situaties kunt u verzoeken om ontheffing voor de uitsluiting van de investeringsaftrek. Bel voor meer informatie de BelastingTelefoon.