Belastingdienst

Javascript staat uit in deze internetbrowser. U moet Javascript activeren om onze internetsite te zien.

10.60.00 Scheepsbevoorrading - Proviandering van zeeschepen

5 Provianderingsregels voor vissersschepen

In dit hoofdstuk wordt ingegaan op specifieke provianderingsregels voor vissersschepen die in de EU thuishoren. Dit zijn schepen die in een lidstaat van de EU zijn geregistreerd en de vlag van die lidstaat voeren. De regels van de vorige hoofdstukken zijn ook van toepassing op vissersschepen, tenzij in dit hoofdstuk anders is bepaald.

Naar boven

5.1 Inleiding

Voor de bepalingen met betrekking tot de binnenkomst wordt verwezen naar onderdeel 10.00.00, paragraaf 5.9.
De vrijstelling van de verplichting tot het doen van de summiere aangifte bij uitgaan, het moeten hebben van een toestemming tot vertrek en het moeten aanbrengen, geldt alleen als bij proviandering specifieke regels worden nageleefd. In de volgende paragrafen wordt hier nader op ingegaan.
(artikelen 2:3, lid 1 en artikel 6:4 Algemene douaneregeling)

Naar boven

5.2 Provianderen van gelimiteerde hoeveelheden

Als een vissersschip van de volgende goederen een beperkte hoeveelheid heeft geproviandeerd, hoeven geen formaliteiten bij vertrek te worden verricht. Van de goederen mag een bepaalde hoeveelheid geproviandeerd worden. De hoeveelheden gelden per bemanningslid van 17 jaar of ouder.

Tabaksproducten

200 sigaretten of 100 cigarillo’s of 50 sigaren of 250 gram rooktabak of een proportioneel assortiment van deze producten.

Alcoholhoudende dranken

1 liter gedistilleerde alcoholhoudende drank met een alcoholgehalte van meer dan 22% vol of 2 liter gedistilleerde alcoholhoudende drank met een alcoholgehalte van 22% vol of minder of 2 liter aperitieven op basis van wijn of van alcohol.

Naar boven

5.2.1 Meer provianderen dan de gelimiteerde hoeveelheden

Proviandeert een vissersschip meer tabaksproducten en/of alcoholhoudende dranken dan de in de vorige paragraaf genoemde hoeveelheden? Dan moeten voor alle goederen bij het verlaten van het grondgebied de formaliteiten bij uitgaan worden verricht. Zie hiervoor de volgende paragraaf.

Naar boven

5.3 Formaliteiten bij uitgaan

De formaliteiten bij uitgaan bestaan uit het indienen van een aangifte tot uitklaring. Deze moet uiterlijk 2 uur voor het vertrek van het schip worden ingediend bij Douanekantoor Rotterdam Haven, afdeling Zeezaken. De indiening moet digitaal, in de postbus van de afdeling Zeezaken. Zie bijlage 1 voor het e-mailadres.

De aangifte tot uitklaring moet worden ingediend door of namens de gezagvoerder van het schip. Als de gezagvoerder de uitklaringsformaliteiten laat verrichten door een ander, bijvoorbeeld een cargadoor, is sprake van vertegenwoordiging. Zie voor vertegenwoordiging onderdeel 2.00.00 van dit Handboek.

Heeft het schip bij binnenkomst geen bezoeknummer van de havenautoriteiten gekregen? Dan moet de gezagvoerder een bezoeknummer aanvragen. Informatie over het verkrijgen van een bezoeknummer is opgenomen in onderdeel 10.00.00 paragraaf 3.4 van dit Handboek.
(artikel 6:4 Algemene douaneregeling)

Voor proviand bestaat de aangifte tot uitklaring uit de generale verklaring IMO/FAL 1 (bij vertrek).

In vak 3 van de IMO/FAL 1 (bij vertrek) moeten datum en tijdstip van vertrek worden vermeld. Hierbij moet het juiste tijdstip van vertrek worden opgegeven, vermeldingen zoals "tussen 03.00 uur en 06.00 uur" zijn niet toegestaan. Het werkelijke tijdstip van vertrek mag maximaal 30 minuten afwijken van het in de IMO/FAL 1 (bij vertrek) opgegeven tijdstip.
Het schip mag de haven niet eerder verlaten dan op het in vak 3 van de IMO/FAL 1 (bij vertrek) vermelde tijdstip, na toestemming van de Douane. De toestemming tot vertrek wordt automatisch verleend (autoreply message op de ontvangen aangifte tot uitklaring).

Gevolgen van het niet verrichten van formaliteiten bij uitgaan
Het niet indienen van de aangifte tot uitklaring heeft tot gevolg dat de Douane de bij de proviandgoederen behorende douaneaangiften of geleidedocumenten niet voor uitgaan aftekent. Het gevolg is dat geen aanspraak gemaakt kan worden op het nul-tarief OB en dat de douanerechten en andere belastingen alsnog verschuldigd worden.

Meer informatie over bevoegdheden en verplichtingen vindt u in onderdeel 5.00.00 van dit Handboek.

Naar boven