Belastingdienst

Javascript staat uit in deze internetbrowser. U moet Javascript activeren om onze internetsite te zien.

20.01.00 Restituties

2 Restituties

2.1 Doel van restituties

Landbouwproducten uit de Unie moeten tegen concurrerende prijzen worden verkocht op de wereldmarkt. Daarom zijn er restituties. Bij hoge wereldmarktprijzen zijn geen restituties nodig. Als de Unie haar landbouwproducten niet op de wereldmarkt kan verkopen, komen deze op de interne markt. Dit is niet gewenst, want:

  • De prijs daalt waardoor het inkomen binnen de landbouwsector mee daalt.

  • De positie van de Unie als exporteur van landbouwgoederen op de wereldmarkt wordt aangetast.

Verkoop op de wereldmarkt is ook belangrijk voor:

  • het aandeel in de wereldhandel

  • de noodzakelijke deviezenstroom

  • de werkgelegenheid in de transport- en dienstensector

Restituties worden in het nieuwe Gemeenschappelijke landbouwbeleid gezien als een vangnet dat alleen bij uitzondering zal worden ingezet. Er moet sprake zijn van een ernstige marktverstoring.

Naar boven

2.2 Goederen waarvoor restituties kunnen worden verleend

In Verordening (EU) nr.1308/2013 (de IGMO-verordening) staat dat bij uitvoer van landbouwproducten restituties mogelijk zijn. Dit geldt voor:

  • landbouwproducten zoals genoemd in artikel 162, lid 1, letter a van de IGMO-verordening

  • industriële landbouwproducten zoals genoemd artikel 162, lid 1, letter b van de IGMO-verordening

Landbouwproducten

Dit zijn landbouwproducten in hun primaire vorm of in het eerste stadium van verwerking. Bijvoorbeeld melk en boter. Landbouwproducten vindt u in bijlage I bij het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie.

Industriële landbouwproducten

Dit zijn goederen die niet in bijlage I van het verdrag zijn opgenomen, maar waarin wel landbouwproducten zijn verwerkt. Bijvoorbeeld koekjes. Hierin is het landbouwproduct boter verwerkt. Industriële landbouwproducten worden ook wel ILP, non-annex-un-producten of NA-I-producten genoemd. 

Let op!

Staan in de uitvoeraangifte verschillende goederencodes? Beschouw dan de gegevens van elke code als een afzonderlijke aangifte die u apart moet beoordelen (artikel 2, lid 3, Verordening (EG) nr. 612/2009).

Naar boven

2.3 Restitutiebedragen

2.3.1 Vaststelling van de bedragen

De Europese Commissie stelt de restitutiebedragen vast. De landbouwproducten waarvoor restitutie kan worden vastgesteld staan in Verordening (EEG) nr. 3846/87. Dit is de Landbouwproductennomenclatuur voor de uitvoerrestituties. Hierin vindt u geen industriële landbouwproducten. Industriële landbouwproducten bestaan uit meerdere landbouwproducten. De Europese Commissie stelt de restitutie vast per landbouwproduct.

In Verordening (EEG) nr. 3846/87 staat waaraan de producten moeten voldoen om in aanmerking te kunnen komen voor restitutie. Deze voorwaarden staan in Nederland in het Gebruikstarief Douane bij de goederencode.

Restitutiebedragen worden regelmatig aangepast omdat de marktprijzen kunnen veranderen. Bij de vaststelling van de restitutie houdt de Europese Commissie rekening met:

  • het prijsverschil tussen de markt in de Unie en de wereldmarkt

  • overschotten of tekorten van een product binnen de Unie

  • de vervoerskosten van de Unie naar het derde land

De Europese Commissie kan de hoogte van de restitutie variëren per land of groep landen. Dit heet gedifferentieerde restitutie.

Naar boven

2.3.2 Publicatie van de bedragen

De restitutiebedragen staan in de publicatiebladen L van de Europese Unie. De Rijksdienst voor ondernemend Nederland (RVO.NL) neemt deze over in de circulaires. Deze vindt u op DouaneNet.

Naar boven