Belastingdienst

Javascript staat uit in deze internetbrowser. U moet Javascript activeren om onze internetsite te zien.

4.10.00 Bindende tariefinlichtingen

2 Het aanvragen van een BTI

2.1 Algemeen

Een aanvrager dient de aanvraag voor afgifte van een BTI in met het formulier "Aanvraag voor Bindende Tariefinlichting (BTI)" zoals opgenomen als bijlage 1ter TVo. CDW. De aanvrager richt de aanvraag aan de bevoegde douane-autoriteit van de lidstaat waar de BTI gebruikt gaat worden, of waar de aanvrager is gevestigd.
(artikel 6, lid 1 TVo. CDW)

Het aanvraagformulier voor een BTI is ook op het internet te verkrijgen.

Het team Bindende Tariefinlichtingen registreert de aanvraag voor afgifte van een BTI in het systeem Europese Bindende Tariefinlichtingen (hierna: EBTI-systeem). Ook de onvolledig ingevulde aanvragen worden geregistreerd in dit systeem. In dat laatste geval vraagt het team Bindende Tariefinlichtingen de aanvrager om de ontbrekende gegevens en aanvullende informatie. Dit gebeurt via de schriftelijke ontvangstbevestiging van de aanvraag.

Het team Bindende Tariefinlichtingen ontvangt de aanvragen en behandelt deze in principe binnen een termijn van drie maanden. Als behandeling binnen die termijn niet mogelijk is, dan deelt dit team de aanvrager de redenen van deze vertraging mee. Ook geeft het team aan binnen welke termijn de BTI wel kan worden afgegeven.
(artikel 7, lid 1 juncto artikel 6, lid 4 TVo. CDW)

Een aanvraag voor een BTI moet aan de volgende voorwaarden voldoen:

  • De aanvrager vraagt om afgifte in verband met een daadwerkelijk voorgenomen in- of uitvoertransactie (artikel 11, lid 1 CDW);

  • De aanvrager dient het verzoek schriftelijk in met het formulier "Aanvraag voor BTI";

  • De aanvraag bevat alle informatie (zoals brochures, folders en eventueel monsters) die nodig is om de goederen te kunnen indelen in de nomenclaturen en om ze duidelijk te kunnen omschrijven;

  • Het aanvraagformulier moet de naam en adres van de aanvrager en / of de rechthebbende bevatten en ondertekend zijn;

  • De aanvrager dient de aanvraag in bij:

    Belastingdienst / Douane Rotterdam Rijnmond / team Bindende Tariefinlichtingen,
    Postbus 3070
    6401 DN, Heerlen.

(artikel 6, lid 3, onderdeel A TVo. CDW)

De Europese Commissie slaat de gegevens van een BTI op in een databank. De aanvrager dient daarvoor op het aanvraagformulier te verklaren dat hij geen bezwaar tegen heeft tegen het opnemen van de verstrekte gegevens in die databank.
(artikel 6, lid 3, onderdeel A, letter k TVo. CDW)

De registratie van een nieuwe BTI-aanvraag bestaat uit twee stappen. Het team Bindende Tariefinlichtingen maakt eerst een dossier aan in het EBTI-systeem. Het systeem kent automatisch een dossiernummer toe.
Met de tweede stap neemt dit team de gegevens van het formulier "Aanvraag voor BTI" in het EBTI-systeem op. Het systeem kent automatisch een nummer toe aan de aanvraag van een BTI. Dit nummer heeft de volgende opbouw:

Onderdelen

     

Betekenis

NL

Landcode

SAF

Single Application Form

Jjjj

Jaartal

Yyyyyy

volgnummer aanvraag

NL

SAF

Jjjj

Yyyyyy

= aanvraag referentie

Nadat de aanvraag is geregistreerd wordt deze (elektronisch) verstuurd naar de Europese Commissie. De Europese Commissie kan eventueel opmerkingen maken of aanwijzingen geven met betrekking tot de aanvraag. Deze opmerkingen of aanwijzingen worden via een mededeling in de EBTI-applicatie bekend gemaakt.

Naar boven

2.2 Procedure in verband met de indeling in de nomenclatuur

De aanvrager dient aan te geven in welke nomenclatuur de goederen moeten worden ingedeeld. Dit bepaalt het aantal cijfers dat in vak 6 van de BTI wordt ingevuld. De verschillende mogelijkheden ziet u in onderstaande tabel.

Nomenclatuur

Goederencode bestaat uit

Geharmoniseerd Systeem

4/6 cijfers (GS-code)

Gecombineerde Nomenclatuur

8 cijfers (GN-code)

Taric-nomenclatuur

10 cijfers (Taric-code)

1e aanvullende Taric-code

14 cijfers

2e aanvullende Taric-code

18 cijfers

Naar boven

2.3 Procedure voor monsteronderzoek bij afgifte BTI's

Met de gegevens van de aanvrager moet het in beginsel mogelijk zijn een duidelijke goederenomschrijving op te stellen en de goederen in te delen in de gewenste nomenclatuur.
(artikel 6, lid 3, onder A, letter d, TVo. CDW)

Als vanwege het ontbreken van noodzakelijke gegevens over de samenstelling van de goederen de indeling van de goederen niet mogelijk is, dan kan het team Bindende Tariefinlichtingen de aanvrager verzoeken akkoord te gaan om de samenstelling van de goederen te laten bepalen door het Douane Laboratorium. De procedure verloopt dan als volgt:

  1. Verzending naar het Douane Laboratorium:

    1. het monster van het product wordt met het bijbehorende formulier naar het Laboratorium gezonden;

    2. een kopie van de BTI-aanvraag gaat mee naar het Laboratorium.

    In een aantal gevallen (bijvoorbeeld bij bederfelijke waren, bevroren producten of gevaarlijke chemicaliën) wordt de aanvrager verzocht de monsters direct te zenden aan het Douane Laboratorium. Daarbij moet door de aanvrager in een begeleidend schrijven worden verwezen naar het aanvraagnummer dat hem door het team Bindende Tariefinlichtingen is verstrekt.

  2. Het Douane Laboratorium doet na het onderzoek het volgende:

    1. zendt de uitslag van het onderzoek naar het team Bindende Tariefinlichtingen. De uitslag wordt beschouwd als gegevens die de aanvrager ter beschikking moet stellen;

    2. vermeldt de voor de indeling van belang zijnde de gehaltes van de bestanddelen en de analysemethoden in het formulier.

  3. Kosten Douane Laboratorium

    Het Douane Laboratorium berekent kosten voor het onderzoek en brengt deze rechtstreeks in rekening bij de aanvrager. De behandelend scheikundige kan een schatting van de kosten geven. De aanvrager wordt - voorafgaand aan het laboratoriumonderzoek - verzocht schriftelijk akkoord te gaan met deze kosten. In de uitslag die het Laboratorium naar het team Bindende Tariefinlichtingen stuurt, wordt meegedeeld dat de kosten van het onderzoek bij de aanvrager in rekening zijn gebracht.
    (artikel 11, lid 2 CDW)

Naar boven

2.4 Procedure voor aanvragen van BTI’s voor verschillende goederen

Een aanvraag voor een BTI kan betrekking hebben op verschillende goederen, als zij maar behoren tot één goederensoort. Als één soort goederen wordt aangemerkt goederen die soortgelijke eigenschappen hebben en waarvan de verschillen niet relevant zijn voor hun tariefindeling (arrest HvJ EU van 2 december 2010, Schenker, zaak C-199/09).
(artikel 6, lid 2 TVo. CDW)

Als de aanvrager een aanvraag doet waarin meerdere goederensoorten voorkomen, dan neemt het team Bindende Tariefinlichtingen contact op met de aanvrager en verzoekt om een afzonderlijke aanvraag voor elke goederensoort.

Het team Bindende Tariefinlichtingen werkt de aanvraag niet af voordat deze alle benodigde informatie van de aanvrager heeft ontvangen.

Naar boven