Belastingdienst

Javascript staat uit in deze internetbrowser. U moet Javascript activeren om onze internetsite te zien.

14.50.00 Douanevervoer - TIR

4 Binnenkomst in en uitgaan uit de Gemeenschap op het TIR carnet in Nederland

In dit hoofdstuk volgt een beschrijving van de procedures bij binnenkomst in het douanegebeid van de Gemeenschap (hierna de Gemeenschap) en het uitgaan uit de Gemeenschap onder TIR-vervoer, voor zover dit betrekking heeft op de situatie in Nederland.

Naar boven

4.1 Algemeen

Van TIR-vervoer kan ook sprake zijn als er gebruik wordt gemaakt van verschillende vervoersmodaliteiten. Dit is het zogenaamde multimodaal vervoer, waarbij te denken valt aan zee- en wegtransport. Ook kunnen er verschillende vervoerders zijn. Als een TIR carnet voor dit vervoer als document wordt gebruikt, wordt op de kaft de letter M gedrukt. Aan dit TIR carnet kan een bladzijde worden toegevoegd waarop de gegevens van de diverse vervoerders vermeld kunnen worden. De douane heeft met deze bladzijde geen enkele bemoeienis.

Dit hoofdstuk bekijkt slechts die situaties waar Nederland een buitengrens heeft. In het geval van TIR-vervoer zal dat aan de zeezijde zijn.

Twee voorbeelden:

  1. Een vrachtwagen rijdt onder dekking van een TIR carnet vanuit het binnenland van Marokko naar Casablanca. Daar wordt de trailer aan boord van een schip gebracht met bestemming Rotterdam. Vanuit Rotterdam vindt vervolgens vervoer plaats naar Keulen, onder dekking van hetzelfde TIR carnet.
    De goederen worden dan in Nederland de Gemeenschap binnengebracht.

  2. Een vrachtwagen rijdt in Amsterdam op een ferry richting St. Petersburg. Kantoor van vertrek van deze vrachtwagen, die goederen vervoert onder dekking van een TIR carnet, is Brussel. Vanuit St. Petersburg zal het vervoer naar Moskou ook plaatsvinden met hetzelfde TIR carnet.
    De goederen verlaten de Gemeenschap uit Nederland.

Naar boven

4.2 Procedures en ambtelijke werkzaamheden

In dit hoofdstuk komen de procedures en ambtelijke werkzaamheden aan bod die zich voordoen bij binnenkomst in de Gemeenschap (paragraaf 4.2.1) en daarna bij uitgang uit de Gemeenschap (paragraaf 4.2.2).

Naar boven

4.2.1 Binnenkomst in Gemeenschap in Nederland

De procedures met betrekking tot binnenbrengen van goederen en inklaring van schepen staan beschreven in onderdeel 10.00.00 van dit Handboek.

Globaal onderzoek

De te verrichten controles bij binnenkomend TIR-vervoer omvat een globaal onderzoek aan de hand van het TIR carnet. Bij vermoedens van fraude moeten goederen die zijn binnengekomen in verzegelde ruimten worden onderzocht. Ook wordt gecontroleerd of de verzegeling nog intact is.
(artikel 5 TIR-Overeenkomst)

Controle van aangeboden TIR carnets

Bij controle van aangeboden TIR carnets doet u het volgende:

Controleer de ingeleverde TIR carnets op een juiste en volledige invulling ervan. Zie hiervoor hoofdstuk 3, paragraaf 3.2.1 van dit onderdeel.

Beantwoord in ieder geval de volgende vragen:

  1. Is het carnet geldig voor Nederland, of, als de goederen naar een andere lidstaat worden vervoerd, is het geldig voor het douanegebied van de Gemeenschap?

  2. Is het carnet afgegeven door een bevoegde organisatie?

  3. Zijn de gegevens van de bladen en die van de omslag hetzelfde?

  4. Is aan elk blad dat voor Nederland of een andere lidstaat bestemd is, een door de aangever ondertekende vertaling gehecht (als het carnet niet is ingevuld in het Nederlands, Frans, Duits of Engels)?

  5. Is, in het geval van open vervoer, het carnet voorzien van de aanduiding "zware of omvangrijke goederen"?

  6. Is het (originele) certificaat van goedkeuring aanwezig bij het voertuig? Is het certificaat geldig?

  7. Is de container voorzien van een goedkeuringsplaat?
    Binnenkomst:

  8. Behandel het TIR carnet zoals beschreven in Hoofdstuk 3 onder 3.2.2.

  9. Heeft de houder van het TIR carnet voldaan aan zijn verplichting om de gegevens van het TIR carnet ook in Transit in te brengen en wordt er een LRN/MRN nummer overgelegd.

  10. Roep de gegevensset van het TIR carnet op in Transit en behandel de gegevensset zoals beschreven in hoofdstuk 3 onder 3.2.2.

  11. Indien het aangiftesysteem Transit wegens storing niet gebruikt kan worden moet de noodprocedure worden toegepast. Zie pararagraaf 3.4 van dit onderdeel.
    Uitgaan:

  12. Behandel het TIR carnet zoals beschreven in Hoofdstuk 5 onder 5.2.1.

Onregelmatigheden

Als er onregelmatigheden optreden bij binnenkomst of als u op een van bovenstaande vragen "nee" antwoordt, doet u als douane-ambtenaar het volgende:

  1. Beslis of er een bekeuring moet worden ingesteld of dat er andere maatregelen moeten worden getroffen.

  2. Maak van een ingestelde bekeuring een aantekening op de stam (souche) van het even genummerde blad.

  3. Indien u van mening bent dat er sprake is van een ernstige overtreding van de douanregels stuur dan een onderbouwd voorstel tot uitsluiting van de titularis voor TIR-vervoer naar het TIR focal point (adresgegevens zie onder 1.5).

Uitsluiting is mogelijk op grond van artikel 38 van de TIR-Overeenkomst in het geval er sprake is van "ernstige inbreuken op de douanewetten en -reglementen".

Verzegelingen

In twee gevallen moet een Nederlandse verzegeling aan de buitenlandse worden toegevoegd:

  1. als u twijfelt aan de doeltreffendheid van de verzegelingen die in het buitenland zijn aangebracht. Hetzelfde geldt voor herkenningsmerken, die zijn aangebracht aan zware en omvangrijke goederen.

  2. als de buitenlandse verzegeling is verbroken of verwijderd.

    Maak hiervan melding in rubriek 16 van het TIR carnet.

    Bevat het voertuig geen verzegeling of een ander zegel dan vermeld in rubriek 16, maak dan het proces verbaal van bevindingen op in het TIR carnet (laatste gele vel "Procès-verbal de constat")

Als u zeer ernstige vermoedens van te verwachten fraude heeft, kunt u in overleg met de teamleider van het aangifteteam, begeleiding tijdens het transport voorschrijven.

Identiteit zware en omvangrijke goederen

Als u van mening bent dat de omschrijving van zware of omvangrijke goederen die voor Nederland (of een andere lidstaat) bestemd zijn, niet voldoende is om de identiteit van de goederen vast te stellen, doet u het volgende:

  1. Laat de vervoerder de lading openmaken.

  2. Laat de vervoerder de omschrijving aanvullen aan de hand van uw aanwijzingen.

  3. Laat de vervoerder deze aanvulling ondertekenen.

Indien de vervoerder hier niet toe bereid is, kan het volgende oneven

genummerde blad niet door u geldig worden gemaakt.

Invulling van het carnet

Bij de behandeling van het TIR carnet voor verder vervoer gaat u te werk als beschreven in 3.2.2.

Behandeling van TIR carnets die niet aan de eisen voldoen

De teamleider van het aangifteteam kan toestemming geven om TIR carnets, die niet helemaal aan de eisen voldoen, toch in behandeling te nemen. Dat kan uitsluitend in de volgende gevallen:

  1. er bestaat geen gevaar van onttrekking van de goederen;

  2. er bestaat geen gevaar van niet-naleving van de verplichtingen door de vervoerder;

  3. er bestaat geen gevaar dat de TIR-uitgevende organisatie de aansprakelijkheid niet meer op zich neemt, bijvoorbeeld omdat in het carnet is geknoeid.

In geval van twijfel kan contact worden opgenomen met het TIR focal point.

Zo nodig kan de voorwaarde worden gesteld dat de goederen onder ambtelijke bewaking worden overgebracht. Voor deze bewaking zijn kosten verschuldigd.
(artikel 23 TIR-Overeenkomst)

Naar boven

4.2.2 Behandeling van het carnet / Uitgaan uit Gemeenschap via Nederland

Ten aanzien van TIR-vervoer zijn bij uitgang uit de Gemeenschap geen bijzonderheden aan te geven.

Handel het carnet af volgens de procedure van het kantoor van bestemming, met dien verstande dat hier geen sprake is van lossing. Zie hiervoor paragraaf 5.2.1.

De procedures met betrekking tot de wederuitvoer van goederen en de uitklaring staan beschreven in respectievelijk onderdeel 22.00.00 en onderdeel 23.00.00 van dit Handboek.

Naar boven

4.3 Nadere bepalingen

Er zijn in dit hoofdstuk geen nadere bepalingen.

Naar boven

4.4 Strafbepalingen

Op dit hoofdstuk zien de volgende strafbepalingen:

  • Een onjuiste of onvolledige opgave bij aangifte van goederen is strafbaar op grond van artikel 10:5, lid 1, Algemene douanewet.

  • Het zonder ambtelijke toestemming laden van een vervoermiddel is strafbaar op grond van artikel 11:5 Algemene douaneregeling.

  • Het zonder ambtelijke toestemming wegvoeren van goederen of vertrekken met een vervoermiddel is eveneens strafbaar op grond van artikel 10:1, lid 1, Algemene douanewet.

Naar boven