Belastingdienst

Javascript staat uit in deze internetbrowser. U moet Javascript activeren om onze internetsite te zien.

12.00.00 Plaatsing van goederen onder een douaneregeling

3 Aanvaarden

Dit hoofdstuk behandelt de eerste fase in de behandeling van de aangifte: het aanvaarden van de aangifte.

Naar boven

3.1 Algemeen

Aanvaarding is de eerste handeling die de Douane verricht met een aangifte. Het betekent acceptatie van de bestemming die de aangever aan de goederen wil geven. Een aangifte wordt niet zomaar aanvaard. De Douane stelt eerst vast of alle benodigde gegevens verstrekt zijn. Ook beoordeelt de Douane of de bestemming is toegestaan.

Naar boven

3.1.1 Datum van aanvaarding

Een elektronische douaneaangifte wordt geacht te zijn ingediend op het tijdstip waarop het EDI-bericht door de douaneautoriteiten wordt ontvangen.

De aanvaarding van een met behulp van EDI ingediende douaneaangifte wordt aan de aangever meegedeeld door middel van een antwoordbericht, waarin tenminste de identificatie van het ontvangen bericht en/of het registratienummer van de douaneaangifte en de datum van aanvaarding zijn vermeld.
(artikel 222, lid 2 TVo.CDW)

De aangifte wordt na een positief verlopen aanvaardingscontrole onmiddellijk aanvaard als de goederen bij de Douane zijn aangebracht (artikel 63 CDW).

De Europese Commissie heeft samen met de douaneadministraties van de lidstaten afgesproken meer aandacht te besteden aan de juistheid van douaneaangiften. De eerste stap is het verbeteren van de kwaliteit van de aangiften ten invoer op het gebied van wettelijke aanvaardbaarheid. Daarvoor ontwikkelt de Douane verschillende geautomatiseerde controles, de zogenoemde Credibility Checks.

Er zijn drie soorten Credibility Checks:

  1. . Legal checks Controles voor goederen waarvoor in het tarief beperkingen zijn opgenomen in de goederenomschrijving. Voorbeeld: onder goederencode 97161092 mogen alleen aanhangwagens met een gewicht van niet meer dan 1.600 kg worden ingedeeld

  2. Physical checks Controles voor goederen gebaseerd op de waarschijnlijke juistheid van de verhouding gewicht/aanvullende eenheid

  3. Price related checks Controles voor goederen gebaseerd op de waarschijnlijke juistheid van opgegeven prijzen voor de goederen (waarde/eenheid)

Met de ingebruikname van het AGS past de Douane de Legal checks toe. Dat betekent dat de Douane bij aanvaarding van de aangifte ten invoer (huidige DSI ) geautomatiseerd controleert of de aangifte voldoet aan de criteria van deze Legal Checks. Voldoet de aangifte niet? Dan aanvaardt de Douane de aangifte niet en krijgt de aangever deze terug met een foutmelding.

In het aanvaardingproces biedt de ontwikkeling van geautomatiseerde gegevensuitwisseling verdere mogelijkheden.

Voorbeeld

Koppeling AGS met Client
AGS is gekoppeld aan het systeem CLIENT (Controle Landbouwgoederen Import/Export Nieuwe Toekomst) van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA). De aangifte in het vrije verkeer brengen wordt naar de NVWA gezonden om de in de aangifte opgegeven erkenningscode bij de NVWA te verifiëren. Deze verificatie kan leiden tot een akkoord of een niet-akkoord door de NVWA. In geval van een niet-akkoord wordt de aangifte niet aanvaard en ontvangt de aangever hiervan een Mededeling niet aanvaarde aangifte.

Voorzien is in een noodprocedure (in het geval de koppeling met de NVWA niet beschikbaar is) en in een procedure als de fytosanitaire keuring heeft plaatsgevonden in een andere lidstaat. Als een aangifte voor fytosanitaire goederen door de Douane ongeldig wordt gemaakt of buitenwerking wordt gesteld, wordt de NVWA automatisch op de hoogte gesteld.

Belang datum van aanvaarding

De datum van aanvaarding is bepalend voor de toepassing van de regels van een douaneregeling.
(artikel 67 CDW)

Dit betekent dat de aanvaardingsdatum van belang is voor onder andere de:

  • douaneschuld: bijvoorbeeld vandaag is er nog een verlaagd invoerrecht, maar morgen niet meer

  • restituties: bijvoorbeeld vandaag is de restitutie nog € 45 per honderd kilogram kaas, maar morgen slechts € 22

  • vergunning: bijvoorbeeld vandaag is geen vergunning verplicht, maar morgen wel

  • douaneregeling: bijvoorbeeld vandaag is de vergunning actieve veredeling nog geldig, maar morgen niet meer

Dit zijn slechts een paar voorbeelden om aan te geven hoe belangrijk de datum van aanvaarding is.

Voor de procedure die u moet volgen indien de goederen niet aanwezig zijn, zie paragraaf 11.2.4 van dit onderdeel.

Naar boven

3.2 Procedures, ambtelijke werkzaamheden

In deze paragraaf worden de procedures en werkzaamheden van de Douane beschreven bij de aanvaarding van de verschillende soorten aangiften.

Naar boven

3.2.1 Schriftelijke aangiften

De aanvaardingscontrole ziet op acht aspecten:

  1. het formulier

  2. de exemplaren

  3. de ondertekening

  4. de ingevulde gegevens

  5. de vermelde bescheiden

  6. de aanwezigheid van de goederen

  7. de taal

  8. de bevoegdheid van de aangever

Deze acht aspecten worden hieronder uitgewerkt.

Bij (weder)uitvoer en douanevervoer is het doen een schriftelijke aangifte alleen mogelijk bij de noodprocedure en daarnaast voor reizigers bij douanevervoer. De noodprocedure wordt alleen ingezet als computersystemen niet werken of als communicatie tussen computersystemen niet mogelijk is.
(artikelen 205 lid 1, lid 3 laatste liggende streepje, 353 lid 2, 787 lid 2 en 842ter TVo.CDW)
In alle andere situaties moet de aangifte elektronisch worden gedaan.

1. Het formulier

Op de eerste plaats moet het juiste formulier gebruikt zijn. In de meeste gevallen is dit het Enig Document (artikelen 62, 63 CDW, artikel 205 TVo. CDW). In bepaalde gevallen kunnen andere formulieren gebruikt worden. U kunt daarbij denken aan carnets TIR, carnets ATA, formulieren 302, CIM's, speciale postformulieren.

Voor houders van een carnet TIR geldt de verplichting om de gegevens van de aangifte voor douanevervoer met carnet TIR ook in elektronische vorm aan de Douane te verstrekken via NCTS-Transit.
(artikel 454 TVo. CDW)

2. De exemplaren

Van het formulier moeten de juiste exemplaren zijn gebruikt. Dit kan verschillen per douaneregeling. In de Toelichting Enig document en (Bijlage VI bij de Algemene douaneregeling) vindt u voor het Enig document wat de juiste exemplaren zijn. Dit is gebaseerd op bijlage 37 van de TVo. CDW.

3. De ondertekening

De aangifte moet ondertekend zijn. Schriftelijke aangiften die niet ondertekend zijn, worden niet aanvaard.
(artikelen 62 en 63 CDW)

4. De benodigde gegevens

In de aangifte moeten alle vermeldingen staan die nodig zijn om de goederen onder een bepaalde douaneregeling te plaatsen. In de Toelichting vindt u voor het Enig document welke gegevens dit zijn. Voor onvolledige aangiften zie onderdeel 12.50.00 van dit Handboek
(artikelen 62 en 63 CDW, en artikelen 212 en 213 TVo. CDW)

5. De vermelde bescheiden

Bij de aangifte moeten alle bescheiden zijn gevoegd die nodig zijn om goederen onder een bepaalde douaneregeling te plaatsen. De aangever moet deze bescheiden vermelden in vak 44 van zijn aangifte. Bij de aanvaardingscontrole wordt gekeken of de aangegeven bescheiden ook werkelijk bij de aangifte gevoegd zijn. Voor onvolledige aangiften zie onderdeel 12.50.00 van dit Handboek.
(artikelen 62 en 63 CDW)

6. De aanwezigheid van de goederen

Om een aangifte te kunnen aanvaarden moeten de goederen bij de Douane zijn aangebracht, dit houdt in, aanwezig zijn op het douanekantoor of aangewezen of goedgekeurde plaats. Zie paragraaf 2.1.2. van dit onderdeel. Als de goederen niet aanwezig zijn, mag de aangifte niet aanvaard worden. (Voor voorafaangifte zie paragraaf 3.2.5)
(artikelen 62 en 63 CDW)

7. Taal

Zie par 2.1.5.

8. Bevoegdheid van de aangever

De aangifte moet gedaan worden door een bevoegd persoon. Dat is degene die de goederen kan aanbrengen. Daarnaast moet hij de benodigde bescheiden kunnen overleggen (artikel 64 CDW). In plaats daarvan kan de aangifte ook gedaan worden door een vertegenwoordiger. In Nederland treedt meestal een douane-expediteur als vertegenwoordiger op. Voor de meeste douaneregelingen geldt dat de aangever in de Gemeenschap gevestigd moet zijn. Als het gaat om douanevervoer of tijdelijke invoer is dit echter niet verplicht (artikel 64, lid 2, CDW). Zie ook hoofdstuk 2, paragraaf 2.1.3.

Als de aanvaardingscontrole positief verlopen is, volgt onmiddellijke aanvaarding. De aanvaardingsdatum wordt vermeld op de aangifte.
(artikel 63 CDW, artikel 203 TVo. CDW)

Schriftelijke aangiften die in AGS geregistreerd gaan worden, zijn slechts voorlopig handmatig aanvaard. De aanvaardingscontrole wordt voortgezet door AGS nadat u de gegevens heeft ingebracht. AGS controleert het volgende:

  • zijn de rubrieken volledig ingevuld

  • zijn de rubrieken met bestaanbare waarden ingevuld

Als de aangifte aanvaardt kan worden, plaatst AGS de datum van aanvaarding op de mededeling voor de aangever. Zie verder hoofdstuk 4.
(artikel 222, lid 5, TVo. CDW)

Schriftelijke aangiften kunnen alleen gedaan worden als het douanekantoor daarvoor geopend is. Soms wordt een aangifte ingeleverd na de openstellingsuren. De aangifte wordt dan pas aanvaard op de volgende werkdag.

Hierboven hebt u kunnen lezen dat de benodigde bescheiden bij de aangifte moeten zijn gevoegd. Soms blijken deze bescheiden na de aanvaarding toch te ontbreken. De aangifte werd dan ten onrechte aanvaard. U moet dan een termijn vaststellen waarbinnen de bescheiden bij de Douane moeten worden ingeleverd. Voldoet de aangever hier niet aan, dan wordt de aangifte buiten werking gesteld.
(artikel 250, leden 1, 2, TVo. CDW en artikel 75 CDW)

De aangifte kan alleen buiten werking gesteld worden als de goederen nog niet vrijgegeven zijn voor de betreffende douaneregeling. Als er wettelijke regels zijn overtreden kan, ondanks de buitenwerkingstelling, een bekeuring worden opgemaakt.
(artikel 66, lid 3 CDW)

Naar boven

3.2.2 Elektronische aangiften

De aangever stuurt vanaf zijn kantoor de aangifte naar het douanesysteem van de Douane. De aanvaardingscontrole blijft echter in beginsel hetzelfde (artikel 77 CDW). Kleine verschillen kunnen zich voordoen ten opzichte van de schriftelijke aangifte:

Schriftelijk

Elektronisch

formulier Enig document

geen formulier Enig document

ondertekening

geen ondertekening; Douanesysteem controleert of de aangever een vergunning heeft (artikel 4ter TVo. CDW)

gegevens ingevuld

Douanesysteem voert de controle uit

bescheiden bijgevoegd

Douanesysteem controleert of de juiste bescheiden door de aangever opgevoerd worden. De aangever moet de bescheiden in zijn bezit hebben als hij de aangifte doet

goederen aanwezig

Douanesysteem voert deze controle niet uit. Als de goederen niet aanwezig zijn, stelt u de aangifte buiten werking (zie hoofdstuk 11)

juiste taal

Douanesysteem voert deze controle niet uit. Als de verkeerde taal is gebruikt stelt u de aangifte buiten werking (zie hoofdstuk 11)

bevoegde aangever

wordt deels door Douanesysteem uitgevoerd (zie ondertekening)

De Europese wetgeving biedt de mogelijkheid van papierloze aangifte in artikel 61b en 77 CDW. De Nederlandse douane staat een papierloze aangifte toe voor de factuur, het preferentiële certificaat van oorsprong, niet preferentiële oorsprongbescheiden, door de Belastingdienst/Douane Groningen/CDIU voor In- en Uitvoer afgegeven in- en uitvoervergunningen, toezichtsdocumenten. Voorwaarde voor papierloze aangifte is wel dat de aangifte geautomatiseerd afgedaan wordt.

De aangever hoeft de factuur achteraf niet te overleggen als hij in de aangifte geen bescheidcode hoeft te vermelden in het elektronische vak 44 / rubriek bescheidgegevens. In gevallen waarin de aangifte administratief afgedaan wordt, waarbij de aangever wel een elektronische D.V.1 verklaring heeft opmaakt in AGS, hoeft hij de factuur ook niet achteraf te overleggen.

De aangever hoeft achteraf geen preferentieel certificaat van oorsprong te overleggen als hij in het elektronische vak 44 / rubriek bescheidgegevens een bescheidcode, het daarbij behorende certificaatnummer heeft vermeld van een bij de aangever aanwezig geldig preferentieel certificaat van oorsprong.

In de bovenstaande tabel ziet u dat de aangever de bescheiden in zijn bezit moet hebben als hij de aangifte doet. Uiterlijk de tweede werkdag nadat de aangifte is gedaan, moet de aangever deze inleveren bij de Douane.
(artikel 1:11 Algemene douaneregeling).

Voor wat betreft de papierloze aangifte is dit achteraf overleggen dus niet meer nodig. Wel moet de aangever in het geval van papierloze aangifte op het moment van het doen van aangifte de bescheiden in zijn bezit hebben.

Soms levert de aangever de bescheiden niet op tijd in. Ook kan het zijn dat hij niet alle bescheiden inlevert die nodig zijn. Net als bij schriftelijke aangiften stelt u dan een termijn vast waarbinnen hij de bescheiden alsnog moet inleveren. De aangifte wordt buiten werking gesteld als hij hieraan niet voldoet. Uiteraard kan dit alleen maar als de goederen nog niet vrijgegeven zijn. Als er wettelijke regels zijn overtreden kan, ondanks de buitenwerkingstelling, een bekeuring worden opgemaakt.
(artikel 250, leden 1, 2, TVo. CDW; artikelen 66, lid 3, en 75 CDW)

Elektronische aangiften kunnen van maandag tot en met zondag worden gedaan. Dit kan op deze dagen van 00.00 uur tot en met 24.00 uur. Zelfs als het kantoor voor schriftelijke aangiften gesloten is, kunnen toch elektronische aangiften gedaan worden. De aangever die een elektronische aangifte indient heeft dus een duidelijk voordeel vergeleken met een aangever die een schriftelijke aangifte indient.

Na het indienen van een elektronische aangifte krijgt de aangever een bericht van aanvaarding. Dit wordt automatisch verzorgd door het douanesysteem.
(artikel 222, lid 2, TVo. CDW)

Naar boven

3.2.3 Mondelinge aangiften

De aanvaardingscontrole van mondelinge aangiften is korter dan die van schriftelijke aangiften. Drie aspecten moeten gecontroleerd worden:

  • zijn de goederen aanwezig op het aangiftepunt

  • is de aangever bevoegd

  • heeft de aangever voldoende gegevens verstrekt om controle mogelijk te maken

Naar boven

3.2.4 Aangifte door een andere handeling

In paragraaf 2.2.4 heeft u kunnen lezen welke andere handelingen als douaneaangifte aangemerkt worden. Deze handelingen zijn zo feitelijk dat er geen sprake kan zijn van een aanvaardingscontrole.

Wel is er sprake van aanvaarding. Dit gebeurt op het tijdstip waarop de handeling verricht wordt.
(artikelen 233, 234, lid 1, TVo. CDW)

Naar boven

3.2.5 Voorafaangifte

Hiervoor hebt u kunnen lezen dat de goederen op het aangiftepunt aanwezig moeten zijn om aangifte te doen. Artikel 201 TVo. CDW opent de mogelijkheid om al eerder aangifte te doen. Dit gebeurt door een zogenaamde voorafaangifte.

De mogelijkheid tot het doen van een elektronische voorafaangifte is alleen mogelijk in AGS. In de systemen Douane Uitvoer en NCTS-Transit is geen mogelijkheid tot het doen van een voorafaangifte.

Voor het inleveren van een voorafaangifte is geen vergunning of toestemming nodig.

Voorafaangifte mag in AGS ook onvolledig zijn. Aanvullen van de ontbrekende gegevens kan vanaf het moment dat de goederen zijn aangebracht.

Voorafaangiften zullen voornamelijk ingediend worden voor goederen die hevige tariefschommelingen kennen, bijvoorbeeld landbouwgoederen. De heffingen in deze sector kunnen van dag tot dag veranderen. De voorafaangifteprocedure maakt het voor de aangever mogelijk veel voorwerk te verrichten. Dit bespaart kostbare tijd. Risicoselectie wordt al toegepast op de voorafaangifte. Hierdoor is het mogelijk om alvast rekening te houden met eventueel uit te voeren controles.

De aanvaardingscontrole is in beginsel hetzelfde als beschreven in paragraaf 3.2.1, paragraaf 3.2.2.

Uiteraard is de controle op de aanwezigheid van de goederen niet van toepassing.

De aangifte wordt niet onmiddellijk aanvaard. De aangifte kan pas aanvaard worden als de goederen aanwezig zijn op het aangiftepunt.

De aanvullende verklaring

De aankomst van de goederen moet de aangever melden. Dit doet hij door inlevering van een aanvullende verklaring. In deze verklaring verstrekt de aangever ontbrekende gegevens (zoals de voorafgaande douaneregeling). Deze zijn meestal niet bekend bij het doen van de voorafaangifte.

De aanvullende verklaring moet binnen een bepaalde termijn gedaan worden. Deze termijn is afhankelijk van de omstandigheden. Voor het in het vrije verkeer brengen geldt bijvoorbeeld een termijn van zeven dagen (zie onderdeel 13.00.00 van dit Handboek). Soms wordt deze termijn overschreden. In dat geval wordt de aangifte geacht niet te zijn ingediend.
(artikel 201, lid 2 TVo. CDW)

Meer gedetailleerde informatie vindt u in onderdeel 13.00.00 (van dit Handboek).

Naar boven