Belastingdienst

Javascript staat uit in deze internetbrowser. U moet Javascript activeren om onze internetsite te zien.

30.05.00 Intellectuele eigendomsrechten

3 Bevoegdheden

3.1 Bevoegdheden

De verschillende bevoegdheden worden onderscheiden in:

  • controlebevoegdheid Adw

  • opschortingsbevoegdheid uit verordening

  • opsporingsbevoegdheid

  • controlebevoegdheden Wed

Naar boven

3.1.1 Controlebevoegdheid Adw

De bepalingen van de Adw zijn van toepassing op het toezicht en de controle van de Douane op goederen en het goederenverkeer. De Adw betreft niet alleen de heffing van rechten bij invoer, maar óók het toezicht en de controle bij VGEM verboden of beperkingen die betrekking hebben op veiligheid, gezondheid, economie en milieu.

De Adw heeft betrekking op verboden en beperkingen die van toepassing zijn op goederen die zich onder douanetoezicht bevinden, maar ook op goederen die zich nog niet, niet of niet meer onder douanetoezicht bevinden (Adw, artikel 1:1, lid 5). De Adw geeft één set controlebevoegdheden die u altijd gebruikt, ongeacht de VGEM-controletaak die u uitvoert. U kunt geen andere bevoegdheden gebruiken dan de bevoegdheden die in de Adw zijn toegekend. De VGEM-wetgeving moet dan wel onder onderdeel A of B van de bijlage van de Adw vallen. U bent dan op grond van de Adw bevoegd goederen daarop te controleren.

In de bijlage van de Adw is de wetgeving opgenomen waarin verboden of beperkingen zijn gesteld:

  • Onderdeel A ziet op de unie verordeningen en is niet uitputtend omdat een dergelijke lijst zeer uitgebreid is en steeds wijzigt. In onderdeel A zijn daarom alleen de artikelen van het EU recht opgenomen die de basis vormen voor verboden en beperkingen in unie wetgeving. Veel IE-rechten zijn geregeld in EU-wetgeving.

  • Onderdeel B ziet op nationale wetgeving en noemt de:

    • Auteurswet

    • Rijksoctrooiwet

    • Wet op de naburige rechten

    • Zaaizaad- en plantgoedwet

U mag dus de bevoegdheden uit de Adw gebruiken voor het toezicht op handhaving van de IE-rechten. De taak van de Douane ziet op goederen die de buitengrens van de EU overschrijden. De wijze waarop de Douane invulling geeft aan deze taak en de bijbehorende bevoegdheid is vastgelegd in kaderovereenkomsten, bijlagen en de VGEM-voorschriften. U gebruikt uw bevoegdheden uitsluitend wanneer de Douane een taak heeft.

De Douane oefent haar controlebevoegdheden alleen uit binnen de afgesproken taak. Het betreft onder meer controlebevoegdheden op het gebied van:

  • monstername en gedeeltelijk onderzoek (Adw, artikel 1:24)

  • betreden, controleren en doorzoeken gebouwen en terreinen (Adw, artikel 1:23 en 1:26)

  • vorderen dat vervoermiddel vaart mindert, bijdraait, stilhoudt enzovoorts (Adw, artikel 1:27)

  • lijfsvisitatie (Adw, artikel 1:28)

  • gebruik van geweld (Adw, artikel 1:30)

Meer informatie over het gebruik van uw controlebevoegdheden vindt u in het Handboek Douane.

Naar boven

3.1.2 Handhaving verboden of beperkingen IE-rechten

De Douane heeft een taak bij de handhaving van verboden en beperkingen die van toepassing zijn of zouden zijn op goederen bij het binnenbrengen in of het verlaten van de EU of bij het kiezen van een douanebestemming. Deze verboden of beperkingen zijn ingesteld bij of krachtens een wettelijk voorschrift dat is opgenomen in de bijlagen A en B van de Adw (Adw, artikel 1:1, lid 5).

Bij de aanvang van een controle past de u de gebruikelijke douanebevoegdheden toe uit de Adw en de Wet op de Accijns.

Naar boven

3.1.3 Bevoegdheid goederen vasthouden of opschorten vrijgave

Op grond van de verordening heeft de Douane de bevoegdheid om de vrijgave van vermoedelijk inbreukmakende goederen op te schorten of deze goederen vast te houden. De Douane doet dit op verzoek of ambtshalve (op eigen initiatief). Deze bevoegdheid vangt aan met de kennisgeving van Team IER aan de houder van het besluit en de aangever of houder van de goederen. Alle activiteiten die de Douane voor de kennisgeving verricht, vallen onder de douanecontrole.

Naar boven

3.2 Opsporingsbevoegdheden

De douaneambtenaar heeft ook opsporingsbevoegdheden. Dit is geregeld in het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar Belastingdienst/Douane 2017 (BOA). Daarin is bepaald dat de Douane bevoegd is voor de opsporing van alle strafbare feiten. Deze opsporingsbevoegdheden zijn beleidsmatig beperkt en u maakt alleen van deze bevoegdheden gebruik voor de opsporingstaken die aan de Douane zijn opgedragen. In het Handboek Douane staan richtlijnen voor het inzetten van de bevoegdheden uit het WvSv. De volgende wetgeving met betrekking tot IE-rechten is opgenomen in de lijst van opgedragen opsporingstaken:

Voor de niet genoemde IE-rechten moet u -voordat u strafrechtelijk optreedt- contact opnemen met de BFC-er.

Naar boven

3.3 Controlebevoegdheden Wed

In de Wed is de douaneambtenaar aangewezen als opsporingsambtenaar van alle economische delicten en is aan de douaneambtenaar een aantal bevoegdheden verleend. Daarbij gaat het om controlebevoegdheden in het belang van de opsporing (Wed, artikel 17, lid 1, punt 3). Deze wet is van toepassing op:

  • kwekersrecht

  • geografische aanduidingen en oorsprongsbenamingen

In artikel 1 Wed is inbreuk op deze rechten strafbaar gesteld.

De controlebevoegdheden betreffen onder andere:

  • in beslag nemen goederen (Wed, artikel 18, lid 1)

  • vorderen van inzage in bescheiden (Wed, artikel 19, lid 1)

  • betreden van plaatsen (Wed, artikel 20, lid 1)

  • nemen van monsters (Wed, artikel 21)

De houder van de goederen moet aan de Douane medewerking verlenen bij de uitoefening van zijn bevoegdheden (Wed, artikel 24a). Ook moet hij, wanneer de ambtenaar dat vordert, kosteloos hulpmiddelen en bijstand verstrekken. Wanneer hij opzettelijk niet voldoet aan een vordering van de opsporingsambtenaar, wordt dat aangemerkt als een economisch delict (Wed, artikel 26).

Naar boven

3.4 Bevoegdheden ambulant toezicht

Bij een douanecontrole zoals bijvoorbeeld ambulant toezicht, kan de Douane twee soorten goederen aantreffen:

  • goederen met unie status

  • goederen zonder unie status

Naar boven

3.4.1 Goederen met unie status

Goederen die zich in het douanegebied van de EU bevinden, worden geacht een unie status te hebben, tenzij wordt vastgesteld dat zij geen unie status hebben. Per definitie zijn de door u aangetroffen goederen unie goederen, tenzij u concreet vaststelt dat deze goederen niet unie goederen zijn. Als de goederen zich in het vrije verkeer bevinden, is de verordening niet van toepassing.

Inbreuk onmiddellijk duidelijk

De Douane treedt alleen op wanneer onmiddellijk duidelijk is dat de unie goederen vermoedelijk inbreuk maken op een IE-recht. Deze duidelijkheid moet - ook voor een niet-expert – buiten kijf zijn. In dat geval wordt de houder/eigenaar van de unie goederen als verdachte aangemerkt en treedt de Douane op basis van het besluit BOA op. Uit de feiten en omstandigheden moet dan ‘een redelijk vermoeden van schuld aan enig strafbaar feit’ voortvloeien (artikel 27 WvSv). U neemt altijd contact op met de BFC-er. De BFC-er neemt, eventueel in overleg met de FIOD, de beslissing over een eventueel strafrechtelijk optreden door de Douane.

Inbreuk niet onmiddellijk duidelijk

Als niet onmiddellijk duidelijk is dat er sprake is van vermoedelijk inbreukmakende unie goederen, treedt de Douane niet op. In deze gevallen laat u de goederen hun weg vervolgen.

Naar boven

3.4.2 Goederen zonder unie status

In het geval de goederen geen unie status hebben, is de verordening van toepassing. U handelt op grond van de Adw en het optreden vindt plaats op verzoek van de rechthebbende of ambtshalve (op eigen initiatief).

Naar boven