Strafrecht, fiscale strafbeschikking

Op deze pagina:

Bestuursrechtelijk afdoen of strafrechtelijk vervolgen

Alleen bij ernstige onregelmatigheden, zoals fraude, kunt u met (fiscaal) strafrecht te maken krijgen. Wij willen in eerste instantie steeds bestuursrechtelijke afdoening  Zo krijgt u van ons een bestuurlijke boete als u geen aangifte hebt gedaan. En die boete krijgt u pas nadat u bent aangemaand om aangifte te doen en die aanmaning in de wind heeft geslagen.

Wij gaan pas tot strafrechtelijke vervolging over als u herhaaldelijk en opzettelijk niet voldoet aan uw fiscale plichten. Of als u bijvoorbeeld op frauduleuze wijze inkomsten buiten het zicht van de Belastingdienst heeft gehouden. Bij fraudeonderzoeken kunt u te maken krijgen met de Fiscale inlichtingen- en opsporingsdienst (FIOD).

Waarborgen

Bij strafrechtelijke vervolging gelden de regels en waarborgen van het ‘gewone’ strafrecht. Zo heeft u zwijgrecht op het moment dat u als verdachte van een fiscaal misdrijf wordt beschouwd. En ook bijvoorbeeld doorzoeking van uw woning kan niet plaatsvinden zonder toestemming (machtiging) van een rechter-commissaris.

Fiscale strafbeschikking (FSB)

Pleegt u een strafbaar feit? De strafrechtelijke vervolging die daarna volgt leidt niet altijd tot een procedure bij de strafrechter. De Belastingdienst (inclusief de Douane) kan zelf een straf opleggen. Dat kan op grond van de Wet OM-afdoening. Dit gebeurt met een fiscale strafbeschikking (FSB). In veel gevallen zult u een geldboete moeten betalen. Ook andere straffen zijn mogelijk, zoals het afstand doen van voorwerpen en voldoen aan fiscale verplichtingen.

Fiscale strafbeschikking (FSB) wil rechterlijke macht ontlasten

De Wet OM-afdoening is bedoeld om de rechterlijke macht te ontlasten. Door deze wet kunnen in plaats van de rechter andere organen straffen opleggen voor bepaalde strafbare feiten. Zo kan de politie processen-verbaal voor bepaalde feiten afhandelen. Gemeenten kunnen straffen opleggen voor bijvoorbeeld milieudelicten.

De boete-fraudecoördinatoren van de Belastingdienst stellen de FSB vast. Zij zijn toegerust om vragen te beantwoorden van de bekeurde en van de bekeurend medewerker. Zij hebben een belangrijke taak bij het beoordelen van de casus en het vaststellen van de boete en de FSB.

Let op!

De Wet OM-afdoening gaat niet over bestuurlijke boeten van de Belastingdienst of Douane. Voor bestuurlijke boeten verandert er niets door de invoering van de wet OM-afdoening.

Fiscale strafbeschikking Hoorplicht

Als de Belastingdienst een strafbaar feit vermoedt, zal hij u kunnen verhoren. Als de Belastingdienst van mening is dat er daadwerkelijk een strafbaar feit is gepleegd, zal er een proces-verbaal worden opgemaakt.

Voordat er een definitieve FSB wordt vastgesteld is de Belastingdienst verplicht u te horen bij een geldboete van meer dan € 2.000. U hebt namelijk het recht uw zienswijze over de zaak naar voren te brengen. U hebt in deze fase ook de gelegenheid om aan te geven of u het wel of niet eens bent met de strafbare feiten die u worden verweten.

Zowel bij het verhoor als bij het horen moet de medewerker de zogenoemde cautie geven. Dit betekent:

  • U bent niet verplicht om te antwoorden op de gestelde vragen.
  • Alles wat u vertelt, kan worden gebruikt bij het onderzoek.

Dit horen is iets anders dan verhoren. Verhoren is het stellen van vragen aan de verdachte over zijn of haar rol bij het strafbare feit. Hiervan wordt proces-verbaal opgemaakt. Het horen vindt pas hierna plaats, dus nadat het proces-verbaal is afgerond. De medewerker die u hoort is een andere dan de medewerker die het proces-verbaal opmaakt.

De boete-fraudecoördinator stelt de FSB pas definitief vast na het hoorgesprek. Ook kan hij besluiten om op basis van de aangevoerde argumenten tijdens het hoorgesprek het proces-verbaal buiten gevolg te stellen.

Fiscale strafbeschikking wat als de verdachte een rechtspersoon is?

Zijn de strafbare feiten gepleegd in de normale bedrijfsuitoefening van een rechtspersoon? Dan wordt in beginsel de strafbeschikking uitgevaardigd aan de rechtspersoon. 

Het blijft echter mogelijk dat ook een functionaris een strafbeschikking ontvangt. Dit is het geval als hij het strafbare feit heeft gepleegd, of heeft nagelaten het plegen van het strafbare feit te voorkomen, hoewel hij daartoe verplicht was (de zogenaamde feitelijk leidinggevende). Hierbij gaat het dan vaak om bijzondere situaties. Bijvoorbeeld als een directeur de opdracht geeft om bewust een onjuiste aangifte te doen zodat voor de goederen die voor de rechtspersoon bestemd zijn te weinig omzetbelasting of invoerrechten wordt betaald.

Fiscale strafbeschikking schuld en opzet

Is het strafbaar feit een misdrijf? Dan leidt dat tot een strafblad. Voor een overtreding krijgt de betrokken (rechts)persoon geen strafblad. Er is sprake van een misdrijf als de verdachte het strafbare feit met opzet heeft gepleegd of als er gevangenisstraf staat op het strafbare feit. Of er opzet in het spel is moet blijken uit het feitenonderzoek van de Belastingdienst. Dit wordt dan verwoord in het proces-verbaal. Een voorbeeld van opzet is het willens en wetens doen van een onjuiste aangifte.

Fiscale strafbeschikking verzet tegen de FSB

U kunt in de regel binnen twee weken verzet tegen de FSB aantekenen. Met dit verzet geeft u aan dat u het niet eens bent met de fiscale strafbeschikking. De termijn gaat in vanaf het moment dat u redelijkerwijs kennis hebt kunnen nemen van de FSB. Het initiatief voor verzet ligt bij degene aan wie de FSB is opgelegd. U dient het verzet in bij de officier van justitie (niet bij de Belastingdienst of Belastingdienst/Douane). Hoe dat moet, staat op de FSB. U moet onder meer een kopie van de FSB of een nauwkeurige beschrijving daarvan meesturen. U kunt bij het verzet schriftelijk bezwaren opgeven. Bijvoorbeeld dat u de boete te hoog vindt of meent geen schuld te hebben aan het strafbare feit.

Als u niet of niet op tijd verzet aantekent, wordt de fiscale strafbeschikking definitief. Verdere rechtsmiddelen zijn dan niet mogelijk. Ook als u de boete betaalt vervalt de mogelijkheid tot verzet.

Fiscale strafbeschikking afwijkende termijn voor verzet

De hoofdregel is dat de betrokkene tegen een fiscale strafbeschikking binnen twee weken na ontvangst verzet kan aantekenen bij het Openbaar Ministerie.

In de volgende gevallen geldt echter een termijn van 6 weken:

  • De geldboete van de FSB is niet meer dan € 340, en
  • de overtreding is begaan ten hoogste 4 maanden voor de toezending van de FSB

Het OM stuurt u een schriftelijke bevestiging van de ontvangst van het verzet.

De officier van justitie heeft voor het verzet drie mogelijkheden:

  • Hij verwerpt het verzet en trekt de strafbeschikking niet in. Hij moet de zaak dan aanbrengen op zitting zodat de strafrechter zich erover 
    kan buigen.
  • Hij wijzigt op basis van het ingestelde verzet de FSB en past bijvoorbeeld de hoogte van de boete aan.
  • Hij is het eens met het verzet en trekt de FSB in.

Let op!

Wordt de zaak voor de rechter gebracht en volgt er een rechterlijke uitspraak? Dan wordt de FSB vernietigd. Bij een gerechterlijke veroordeling wordt de zaak opgenomen in het justitieel documentatieregister, zelfs bij fiscale overtredingen.

Fiscale strafbeschikking inning door Belastingdienst

De Belastingdienst int de boete van de FSB. Een opgelegde boete wordt beschouwd als een belastingschuld. Voor deze schuld geldt de Invorderingswet.

Betaalt u de boete van de FSB niet na aanmaningen en dwangbevelen? Dan kan de officier van justitie alsnog overgaan tot strafvervolging en de zaak voorleggen aan de strafrechter.

Hebt u verzet aangetekend tegen de FSB? Dan wordt de boete niet geïnd maar opgeschort in afwachting van de uitkomst van het verzet.

Fiscale strafbeschikking betaalde boetes en strafregister

Hebt u de boete betaald? Dan kunt u geen verzet meer aantekenen bij de officier van justitie. Door het betalen van de boete erkent u als het ware schuld aan het strafbare feit. Wordt de boete opgelegd voor een misdrijf, dan wordt hiervan een aantekening gemaakt in het strafregister. Dit is ongeacht de hoogte van de boete. Er is sprake van een misdrijf als er opzettelijk is gehandeld. Overtredingen worden niet opgenomen in het strafregister.

Fiscale strafbeschikking  geen gevolgen voor AEO

De regels om een AEO-aanvraag af te wijzen of een AEO-certificaat te schorsen of in te trekken zijn niet veranderd (het AEO-certificaat - Authorised Economic Operator - is een certificaat dat door de Douane wordt afgegeven aan bedrijven die internationaal actief zijn). 

De FSB heeft veelal dan ook geen gevolgen voor de bedrijven die een AEO-aanvraag hebben ingediend of die al een AEO-certificaat hebben. Net als met de vroegere werkwijze met transacties, leidt een hoog aantal overtredingen tot nader onderzoek of een audit. Uiteraard spreekt de Belastingdienst over deze zaken met de betrokken houder van het AEO-certificaat. Bij misdrijven waarvoor een FSB wordt opgelegd kunnen er wel gevolgen ontstaan voor het AEO-certificaat.

Als een certificaathouder tegen een opgelegde FSB in verzet komt, en de officier van justitie besluit de zaak voor de rechter te brengen, dan vindt bij een rechterlijke veroordeling aantekening plaats in het strafregister. De Belastingdienst is bevoegd om AEO-certificaten te schorsen of in te trekken. Hierbij komt ook de mogelijkheid van het bestuurlijke bezwaar en beroep in beeld.

AEO = Authorised Economic Operator

Fiscale strafbeschikking  overgangsrecht

De Wet OM-afdoening is per 1 juli 2011 ingevoerd en voor de wet geldt géén overgangsrecht. Dat betekent dat de Belastingdienst in gevallen die hebben plaatsgevonden vóór 1 juli 2011 geen transactievoorstel meer kan opleggen maar een FSB uitvaardigt.

Fiscale strafbeschikking voorbeelden

Voorbeeld 1

Een accountant verzorgt de boekhouding en aangiften voor een belastingplichtige. Hij krijgt opdracht van zijn klant om een onjuiste aangifte Omzetbelasting te doen. De accountant weet dat de aangifte onjuist is, maar stelt toch de onjuiste aangifte op en dient deze in bij de Belastingdienst.

Zowel de accountant als de belastingplichtige komen in aanmerking voor een FSB.

Voorbeeld 2

Een medewerker van een rechtspersoon (een bedrijf ) heeft geen zin om te wachten tot de Douane is gearriveerd. Hij trekt het loodje van de verzegelde container af en opent de container.

De rechtspersoon of de feitelijk leidinggevende kunnen voor deze handeling een FSB krijgen.

Let op!

De gegeven voorbeelden zijn bedoeld als illustratie. De Belastingdienst beoordeelt elke zaak afzonderlijk.

Meer informatie

Bel voor meer informatie de 
BelastingTelefoon of BelastingTelefoon Douane.
Bedrijven kunnen ook terecht bij de eigen brancheorganisatie of bij het klantmanagement van de Belastingdienst of Belastingdienst/Douane.

Javascript staat uit in deze internetbrowser. U moet Javascript activeren om onze internetsite te zien.