Belastingdienst

Javascript staat uit in deze internetbrowser. U moet Javascript activeren om onze internetsite te zien.

30.06.00 Strategische goederen

9 Proces aangiftebehandeling

In dit hoofdstuk staat een beschrijving van de werkzaamheden die u verricht in het proces aangiftebehandeling bij de verificatie en controle van douaneaangiften.

Naar boven

9.1 Algemene werkzaamheden proces aangiftebehandeling bij strategische goederen

9.1.1 Vaststellen juistheid omschrijving goederen en goederencode in douaneaangifte

Bij controle van een aangifte ten uitvoer of aangifte tot wederuitvoer stelt u vast of de omschrijving van de goederen en de goederencode juist zijn. Om dit te kunnen bepalen maakt u onder andere gebruik van het Gebruikstarief.

Lijst goederen voor tweeërlei gebruik in Gebruikstarief

De lijsten met goederen voor tweeërlei gebruik (Verordening, bijlage I) is verwerkt in het Gebruikstarief. Bij de betreffende goederencode staat dan onder het tabblad ‘Uitvoer’ informatie over de:

  • categorienummers van goederen voor tweeërlei gebruik die van toepassing kunnen zijn

  • de te vermelden bescheidcode voor vergunningplichtige goederen

  • de te vermelden fictieve bescheidcode voor niet vergunningplichtige goederen

De verwijzing in het Gebruikstarief naar de lijst met goederen voor tweeërlei gebruik is een indicatie en niet volledig. Onder de goederencode vallen goederen die wel zijn opgenomen in de lijst met goederen voor tweeërlei gebruik en goederen die niet zijn opgenomen in de lijst. Het kan ook zijn dat goederen voor tweeërlei gebruik waarvoor een vergunning is vereist, onder een goederencode vallen die niet verwijst naar de lijst.

Lijst militaire goederen niet in Gebruikstarief

De Gemeenschappelijke EU-lijst van militaire goederen is niet verwerkt in Taric-NL en het Gebruikstarief.

Naar boven

9.1.2 Vaststellen strategische goederen

U verricht de volgende werkzaamheden:

Vaststellen strategische goederen

  1. Controleer of de goederen voorkomen in:

  2. U kunt hierbij gebruik maken van:

Inschakelen vraagbaak

De omschrijving van bepaalde militaire goederen en goederen voor tweeërlei gebruik in de lijsten is specifiek en technisch. De inschakeling van een deskundige is nodig om vast te stellen of goederen voldoen aan die omschrijving. Schakel altijd de vraagbaak in als u niet kunt vaststellen of er sprake is van strategische goederen.

Naar boven

9.1.3 Vermelden bescheidcode

Goederen tweeërlei gebruik op aangifte

Bij een aangifte in het systeem AGS controleert het systeem aan de hand van de goederencode of de goederen mogelijk voorkomen in de lijst met goederen voor tweeërlei gebruik. Betreft het een goederencode met een verwijzing naar die lijst dan moet in de aangifte:

  • de bescheidcode X002 uit de codelijst Douane zijn vermeld voor goederen waarvoor een vergunning is vereist of

  • de fictieve bescheidcode Y901 uit de codelijst Douane zijn vermeld voor niet-vergunningplichtige goederen.

Zijn de goederen opgenomen in Bijlage I van de Verordening (er is een vergunning vereist) maar vallen ze onder een goederencode zonder een verwijzing naar de Verordening dan moet in de aangifte de bescheidcode X002 zijn vermeld.

Militaire goederen op aangifte

Op een aangifte voor goederen die zijn opgenomen in de Gemeenschappelijke EU-lijst van militaire goederen moet de aangever de Bescheidcode 8022 vermelden in de daarvoor bestemde rubriek.

Naar boven

9.1.4 Opdracht fysieke controle strategische goederen

Opdracht fysieke controle

  1. Geef opdracht voor een fysieke controle:

    • als de controleopdracht van de RBO dit voorschrijft (rood profiel)

    • als u twijfelt aan de juistheid van de goederenomschrijving of de goederencode in overleg met de vraagbaak

  2. Geef opdracht om:

    • soort en identiteit van de goederen vast te stellen

    • te controleren of op het goed / de verpakking aanduidingen staan over:

      • het gebruik

      • land van bestemming

      • route naar het land van bestemming

      • geadresseerde

      • andere elementen die door de vraagbaak worden aangeleverd

  3. Zorg ervoor dat:

    • de vraagstelling op het digitaal fyco-formulier duidelijk is

    • alle relevante gegevens en stukken zijn bijgevoegd of op het memo zijn vermeld

    • de medewerker in het proces fysiek toezicht contact met u (en de vraagbaak) opneemt als hij niet in staat is of niet de specifieke kennis heeft om de opdracht uit te voeren.

Verschuiving fysieke controle toegestaan

Een fysieke controle laat u verrichten op de plaats waar de goederen zich bevinden op het tijdstip van aangifte. U kunt de fysieke controle op verzoek van de aangever op een andere plaats laten uitvoeren.

Naar boven

9.1.5 Monsteronderzoek laboratorium

Van bepaalde militaire goederen en goederen voor tweeërlei gebruik (bijvoorbeeld chemische stoffen) kan de juistheid van de aangegeven soort goederen alleen met een laboratoriumonderzoek worden vastgesteld. Bij een spoedeisend karakter van het onderzoek is het raadzaam om hierover overleg te plegen met het Douane Laboratorium.

U verricht de volgende werkzaamheden:

Monsteronderzoek laboratorium

  1. Overleg met de vraagbaak over de noodzaak van een laboratoriumonderzoek.

  2. De vraagbaak raadpleegt eventueel het team CDIU over een onderzoek en brengt u daarvan op de hoogte.

  3. Noteer in het aangiftedossier:

    • het advies van de vraagbaak of team CDIU

    • naam van de ambtenaar

    • het tijdstip

    • de beslissing over het monsteronderzoek en vrijgave in afwachting van de uitslag

Naar boven

9.1.6 Contact met vraagbaak, CDIU en team POSS

U raadpleegt altijd eerst de vraagbaak als u bij uw werkzaamheden:

  • meer informatie nodig heeft om vast te stellen of goederen strategische goederen zijn

  • vragen heeft over de vergunningplicht bij uitvoer of doorvoer, vrijstellingen, ontheffingen enzovoorts

Als de vraagbaak niet bereikbaar is, kunt u zelf contact opnemen met de CDIU. De CDIU is bereikbaar op werkdagen en tijdens de normale kantooruren. Buiten kantooruren kunt u contact opnemen met de piketdienst van de CDIU (06-18601428).

Informatie aan derden

Aangevers en andere betrokkenen verwijst u naar de CDIU als deze vragen hebben over vergunningen of andere formaliteiten betreffende strategische goederen of over het ophouden van de goederen in afwachting van een onderzoek naar de vergunningplicht.

Naar boven

9.2 Werkzaamheden bij uitvoer en wederuitvoer

U controleert op de naleving van de vergunningplicht bij:

  • uitvoer en wederuitvoer van goederen voor tweeërlei gebruik,

  • uitvoer van militaire goederen uit Nederland en

  • overdracht van militaire goederen uit Nederland naar IJsland, Liechtenstein en Noorwegen.

Volg bij een controle altijd de aanwijzingen in het bescheidprofiel, het selectieprofiel en/of de controleopdracht.

Aangifte aanvaard

Geef de goederen niet vrij (geen toestemming tot wegvoering) zolang niet vaststaat of er een vergunningplicht, vrijstelling of ontheffing van toepassing is.

Overzicht van werkzaamheden

U verricht de volgende werkzaamheden:

Controle aangifte

  1. Controleer juistheid omschrijving goederen en vermelde goederencode in aangifte.

  2. Stel vast of het militaire goederen of goederen voor tweeërlei gebruik betreft.

  3. Geef opdracht tot fysieke controle (als dat nodig is).

  4. Geef opdracht voor monsteronderzoek (als dat nodig is).

  5. Controleer voor goederen voor tweeërlei gebruik of een vergunningplichten/of ontheffing van toepassing is. Gebruik het schema.

  6. Controleer of voldaan wordt aan de vergunningvoorschriften en behandel een (eventueel) overgelegde vergunning.

  7. Is er reden voor opschorting van de uitvoer? Zo ja, volg de controleopdracht op.

  8. Vermeld bij een ontheffing de kenmerken daarvan in het voor de Douane bestemde vak op een aangifte of de overeenkomstige rubriek in AGS.

  9. Controleer voor militaire goederen of vergunningplicht, vrijstelling of ontheffing of van toepassing is. Gebruik het schema.

    • Controleer en behandel een (eventueel) overgelegde vergunning.

    • Controleer bij de CDIU of aan meldplicht is voldaan.

    • Vermeld bij een ontheffing de kenmerken daarvan in het voor de Douane bestemde rubriek in AGS.

  10. Geef de goederen niet vrij of geef geen toestemming tot wegvoering (aangifte houdt status aanvaard) als u twijfelt of:

    • de vergunningplicht van toepassing is

    • de overgelegde vergunning kan dienen voor (weder)uitvoer

  11. Raadpleeg de vraagbaak of CDIU als u vragen heeft of meer informatie nodig heeft.

  12. Handel onregelmatigheid volgens de instructies af.

Naar boven

9.3 Werkzaamheden bij doorvoor van militaire goederen

U controleert op de naleving van de vergunningplicht en de meldplicht bij doorvoer van militaire goederen door Nederland.

De werkzaamheden kunnen onder meer plaatsvinden bij:

  • de verificatie en controle van douaneaangiften

  • bij de behandeling en controle van de summiere aangifte bij binnenkomst, de summiere aangifte bij uitgang of de de summiere aangifte voor tijdelijke opslag

  • op het kantoor van uitgang bij aankomst met een (weder)uitvoer aangifte of aangifte voor extern douanevervoer

Volg bij een controle altijd de aanwijzingen in het bescheidprofiel, het selectieprofiel en/of de controleopdracht.

Geen rubriek voor vergunninggegevens op summiere aangifte

Een summiere aangifte heeft geen rubriek voor het vermelden van gegevens van doorvoervergunningen. Vermelden van die gegevens op een summiere aangifte is niet verplicht.

Geen gegevens nationale vergunningen op douaneaangiften

Het is niet verplicht om gegevens over de algemene doorvoervergunningen NL007 en NL008 en door de CDIU afgegeven individuele doorvergunningen te vermelden op douaneaangiften die buiten Nederland zijn gedaan.

Aangifte status aanvaard

Geef de goederen niet vrij (geen toestemming tot wegvoering) zolang niet vaststaat of er een vergunningplicht, vrijstelling of ontheffing van toepassing is.

Overzicht van werkzaamheden

U verricht de volgende werkzaamheden:

  1. Controleer juistheid omschrijving goederen en vermelde goederencode in een douaneaangifte.

  2. Stel vast of het militaire goederen betreft.

  3. Geef opdracht tot fysieke controle (als dat nodig is).

  4. Geef opdracht voor monsteronderzoek (als dat nodig is).

  5. Controleer vergunningplicht, vrijstelling,ontheffing of meldplicht van toepassing is. Gebruik het schema.

    • Controleer en behandel een (eventueel) overgelegde vergunning.

    • Controleer bij de CDIU of aan meldplicht is voldaan.

    • Vermeld bij een ontheffing de kenmerken daarvan in de voor de Douane bestemde rubiek op een douaneaangifte.

  6. Geef de goederen niet vrij of geef geen toestemming tot wegvoering (aangifte houdt status aanvaard) als u twijfelt of:

    • de vergunningplicht of meldplicht van toepassing is

    • de (eventueel) overgelegde vergunning kan dienen voor doorvoer

  7. Raadpleeg de vraagbaak de CDIU of POSS als u vragen heeft of meer informatie nodig heeft.

  8. Handel een vermoedelijke onregelmatigheid volgens de instructies af.

Naar boven

9.4 Werkzaamheden bij doorvoer van goederen voor tweeërlei gebruik

U controleert bij de doorvoer van goederen voor tweeërlei gebruik of het goederen betreft waarvoor een ad-hoc doorvoerverbod is ingesteld of vergunningplicht is opgelegd.

De controle kan plaatsvinden bij:

  • verificatie van de aangifte tot wederuitvoer

  • verificatie van de aangifte tot plaatsing onder de douaneregeling extern douanevervoer

  • controle van de summiere aangifte

  • de ontvangst van de aankomstmelding in ECS op het kantoor van uitgang voor wat betreft goederen voor tweeërlei gebruik waarvoor in een andere lidstaat van de EU een aangifte is gedaan.

Belangrijk!

Op het kantoor van uitgang controleert de Douane of er overeenstemming bestaat tussen de aangiftegegevens in ECS en de goederen die zijn aangebracht op het kantoor van uitgang. Uitsluitend in het geval er voldoende aanwijzingen zijn controleert de Douane of het goederen voor tweeërlei gebruik betreft waarvoor een doorvoerverbod is ingesteld of vergunningplicht is opgelegd.

Volg bij een controle altijd de aanwijzingen in het selectieprofiel en/of de controleopdracht.

Controle aangifte

  1. Stel vast of het goederen voor tweeërlei gebruik betreft waarvoor ad-hoc een doorvoerverbod is ingesteld of vergunningplicht is opgelegd.

  2. Controleer en behandel een (eventueel) overgelegde vergunning.

  3. Geef de goederen niet vrij of geef geen toestemming tot wegvoering als u twijfelt of het de goederen betreft:

    • waarvoor ad-hoc een doorvoerverbod is ingesteld of vergunningplicht is opgelegd

    • de overgelegde vergunning kan dienen voor doorvoer

  4. Raadpleeg de vraagbaak, de CDIU als u vragen heeft of meer informatie nodig heeft.

  5. Handel onregelmatigheid volgens de instructies af.

Naar boven

9.5 Werkzaamheden bij invoer lijst 1– en 2–stoffen

U controleert inzake lijst 1-stoffen en lijst 2-stoffen bij invoer

Volg bij een controle altijd de aanwijzingen in het selectieprofiel en/of de controleopdracht.

Aangifte status aanvaard

Geef de goederen niet vrij (geen toestemming tot wegvoering) zolang niet vaststaat of er een vergunningplicht, meldplicht, vrijstelling of ontheffing van toepassing is.

U verricht de volgende werkzaamheden:

Controle invoer

  1. Controleer juistheid omschrijving goederen en vermelde goederencode in douaneaangifte.

  2. Stel vast of het lijst 1 of lijst 2-stoffen betreft.

  3. Geef opdracht tot fysieke controle (als dat nodig is).

  4. Geef opdracht voor monsteronderzoek (als dat nodig is).

  5. Lijst 1-stoffen:

    • Controleer of bij de invoer een ontheffing wordt overgelegd. Gebruik het schema.

    • Controleer of voldaan wordt aan de voorwaarden.

    • Vermeld bij een ontheffing de kenmerken daarvan in de voor de Douane bestemde rubriek op een aangifte in AGS.

  6. Lijst 2 stoffen: betreft het invoer uit een niet-verdragstaat?

    • Zo nee, geen vergunningplicht.

    • Zo ja, verboden in te voeren en handel verder als onregelmatigheid.

  7. Geef de goederen niet vrij of geef geen toestemming tot wegvoering als u twijfelt of lijst 1 of lijst 2-stoffen betreft.

  8. Raadpleeg de vraagbaak of CDIU als u vragen heeft of meer informatie nodig heeft.

Naar boven

9.6 Werkzaamheden tijdelijk verlaten EU bij goederen voor tweeërlei gebruik

Bij een controle op het vervoer van goederen voor tweeërlei gebruik die het douanegebied van de EU tijdelijk verlaten, voert u de werkzaamheden uit die zijn voorgeschreven in het Handboek Douane, onderdeel 23.00.00, hoofdstuk 2.

Naar boven

9.7 Controle en behandeling vergunningen

Meerdere vergunningen bij aangifte

Als de aangever bij een aangifte voor strategische goederen meer dan één individuele of globale vergunning overlegt of gebruik maakt van meer dan één algemene vergunning, moet hij duidelijk aangeven voor welke goederen de verschillende vergunningen zijn bestemd. Zo nodig moet de aangifte uit meer artikelen te bestaan.

Vertaling vergunning

U kunt de exporteur verzoeken een gewaarmerkte vertaling over te leggen van een deel of van alle informatie in een vergunning die is afgegeven door de bevoegde autoriteiten in een andere lidstaat.

Naar boven

9.7.1 Individuele en globale vergunning

Elektronische controle individuele en globale vergunning bij (weder)uitvoeraangifte in AGS

Bij een (weder)uitvoeraangifte met de bescheidcode 8022 of X002 controleert AGS via elektronische wijze in het vergunningensysteem van de CDIU- of een individuele of globale vergunning kan dienen. Als in de aangifte te vermelden vergunning-gegevens overeenstemmen met de gegevens in het systeem van de CDIU wordt:

  • de aangifte aanvaard en

  • de vergunning geautomatiseerd afgeschreven voor de uit te voeren hoeveelheid (kilogrammen, stuks en/of waarde).

Hiermee is de vergunning overgelegd.

Overleggen individuele en globale vergunning bij verificatie (weder)uitvoeraangifte in AGS

De aangever moet bij verificatie een individuele of globale vergunning alleen in de navolgende situaties op uw verzoek overleggen. Uw verzoekt om de vergunning als:

  • AGS daar een controleaanwijzing over geeft

  • u twijfelt of de omschrijving van de goederen op de aangifte overeenstemt met de omschrijving van de goederen op een door de CDIU afgegeven vergunning

  • een individuele of globale vergunning voor goederen voor tweeërlei gebruik is afgegeven in een andere lidstaat.

Het geniet de voorkeur om in dergelijke gevallen contact op te nemen met de CDIU.

Overleggen individuele en globale vergunning in andere situaties

In situaties waarbij de aangifte niet plaatsvindt via AGS, vindt er geen elektronische controle en afschrijving plaats. In situaties waarbij u overgaat tot controle verzoekt u altijd de vergunning te overleggen. Hierbij kan een originele (papieren) vergunning worden overgelegd of een afschrift van de elektronisch verleende vergunning.

Dit kan zich bijvoorbeeld voordoen bij doorvoer van militaire goederen waarvoor een individuele doorvoervergunning is vereist en een summiere aangifte is gedaan bij binnenkomst over zee of door de lucht.

Controle overgelegde individuele en globale vergunningen

Controle en behandeling individuele en globale vergunningen.

(weder)uitvoeraangifte via AGS:

  1. Controleer of de vergunning geldt voor de goederen en het land van bestemming waarvoor de aangifte is gedaan. De gegevens op de vergunning moeten overeenkomen met de aangifte.

  2. Controleer of de juiste gegevens zijn ingevuld bij de rubriek Artikel Gegevens / Categorie / postnummer.

  3. Controleer of de juiste bescheidcode, het vergunningnummer en andere vergunninggegevens op de aangifte zijn vermeld bij de rubriek Bescheidgegevens (vak 44).

  4. Bij twijfel neemt u contact op met de CDIU.

(weder)uitvoeraangifte niet via AGS

  1. Controleer, indien deze wordt overgelegd, de echtheid van de originele (papieren) vergunning. U kunt hierbij eventueel de falsificaten-expert inschakelen. Het overleggen van een afschrift van de elektronische vergunning is ook mogelijk.

  2. Controleer of een vergunning voor:

    • militaire goederen is afgegeven door de CDIU;

    • goederen voor tweeërlei gebruik is afgegeven door een bevoegde instantie van een lidstaat.

  3. Controleer of de vergunning geldt voor de goederen en het land van bestemming waarvoor de aangifte is gedaan. De gegevens op de vergunning moeten overeenkomen met de aangifte.

  4. Controleer de geldigheidsduur van de vergunning.

  5. Controleer of de juiste gegevens zijn ingevuld bij de rubriek Artikel Gegevens / Categorie / postnummer

  6. Controleer of de juiste bescheidcode, het vergunningnummer en andere vergunninggegevens op de aangifte zijn vermeld bij de rubriek Bescheidgegevens (vak 44).

  7. Schrijf een originele (papieren) individuele vergunning af bij uitvoer.

  8. Geef de individuele vergunning terug aan de aangever (ook als deze volledig is afgeschreven). De houder van de vergunning zendt deze terug naar de bevoegde autoriteit).

Naar boven

9.7.2 Algemene vergunningen

Elektronische controle gebruik algemene vergunningen bij (weder)uitvoeraangifte in AGS

Bij een (weder)uitvoeraangifte met de bescheidcode 8022 of X002 controleert AGS elektronisch in het vergunningensysteem van de CDIU of gebruik mag worden gemaakt van een algemene vergunning. Als o.m. de gegevens op de aangifte over de bescheidcode, soort algemene vergunning, vergunningnummer en registratienummer van de gebruiker overeenstemmen met de gegevens in het systeem van de CDIU wordt de aangifte aanvaard.

Gebruik algemene vergunningen in andere situaties

In situaties waarbij geen aangifte plaatsvindt via AGS, vindt er ook geen elektronische controle plaats. In die situaties controleert u altijd of een algemene vergunning kan dienen. Bijvoorbeeld bij doorvoer van militaire goederen waarvoor een summiere aangifte is gedaan bij binnenkomst over zee of door de lucht en een algemene doorvoervergunning kan dienen.

Controle gebruik algemene vergunningen (UAV – NAV – militair)

Bij de controle algemene vergunningen, verricht u de volgende werkzaamheden:

Controle gebruik algemene vergunningen (UAVNAVmilitair)

  1. Controleer of de juiste bescheidcode op de aangifte is vermeld.

  2. Controleer of: - het juiste nummer van de algemene vergunning en - registratienummer van de beschikkingsbevoegde

  3. en, indien de geregistreerde hierover beschikt, het EORI-nummer
    op de aangifte is vermeld op de aangifte is vermeld.

  4. Stel vast dat de beschikkingsbevoegde is geregistreerd bij de CDIU.

  5. Controleer of de vergunning wordt gebruikt voor de juiste categorieën goederen.

  6. Controleer land van herkomst en bestemming

Bij uitvoer naar Noorwegen, IJsland en Liechtenstein met een algemene overdrachtsvergunning:5 Stel vast dat de goederen bestemd zijn voor Noorwegen, IJsland of Liechtenstein.

Bij controle van de algemene doorvoervergunning NL 007:
  1. Stel vast dat de goederen herkomstig zijn van een bondgenoot.

  2. Bij doorvoer naar een niet-bondgenoot controleert u of er mogelijk sprake is van een bestemming waarvoor sanctiemaatregelen gelden en controleer of de goederen niet naar een van de in de vergunning uitgesloten landen (Jemen, Saoedi-Arabië, de Verenigde Arabische Emiraten of Qatar) gaan.

Bij controle van de algemene doorvoervergunning NL 008:
  1. Stel vast dat de goederen bestemd voor een bondgenoot.

Bij controle van de algemene doorvoervergunning NL 009:

  1. Stel vast dat een beschikkingsbevoegde en een ontvanger een overeenkomst hebben gesloten. Die overeenkomst moet aan de volgende drie voorwaarden voldoen:

    • hij is rechtsgeldig;

    • het is een Technical Assistance Agreement, een Manufacturing License Agreement of een Warehouse Distribution Agreement; en

    • de overeenkomst is goedgekeurd door het Directorate of Defense Trade Controls van het Department of State van de Verenigde Staten van Amerika.

Naar boven

9.8 Werkzaamheden Internationaal Importcertificaat (IIC)

Als een afschrift van het IIC wordt overgelegd voor niet-unie militaire goederen uit een derde land, verricht u de volgende werkzaamheden:

Werkzaamheden Internationaal Importcertificaat

  1. Controleer of goederen op de aangifte overeenkomen met omschrijving op IIC.

  2. Stel fysieke controle in - als dat nodig is - om soort goederen vast te stellen.

  3. Controleer of goederen een toegestane eindbestemming volgen.

  4. Viseer achterzijde van afschrift IIC:

    • Vermeld datum waarop goederen toegestane bestemming volgen, soort en nummer van douaneaangifte, gegevens van het douane-entrepot of vrije zone controletype II.

    • Plaats paraaf en afdruk van stalen dienststempel.

    • Geef afschrift IIC aan de belanghebbende terug.

  5. Vermeld de aantekening ‘Internationaal Importcertificaat behandeld’ en het nummer IIC:

    • op de summiere aangifte: bij tijdelijke opslag met een summiere aangifte voor tijdelijke opslag of ander toegestaan bescheid, bij de omschrijving van de betreffende goederen. Plaats bij de aantekening een afdruk van het stalen dienststempel en uw paraaf.

    • op het Enig Document: in het vak 'Opmerkingen / bevindingen'. Plaats bij de aantekening een afdruk van het stalen dienststempel en uw paraaf.

    • in de elektronische aangifte: in rubriek 'Opmerkingen / Bevindingen'.

  6. Maak een kopie van het behandelde afschrift IIC en voeg dit toe aan klantdossier van vergunninghouder.

  7. Neem bij aangifte ter aanzuivering van een aangifte met daarop een aantekening over een afgegeven IIC deze aantekening over.

Behandeling IIC vastleggen in administratie

Bij opslag in een entrepot, legt de vergunninghouder in zijn administratie vast voor welke goederen een IIC is behandeld door de Douane. Dit kan onderdeel zijn van de administratieve controle.

Naar boven