Waarover betaalt u belasting?

Op deze pagina:

U krijgt een uitkering uit een lijfrente

Ontvangt u periodieke uitkeringen uit een lijfrente? Dan moet u deze uitkeringen in uw aangifte inkomstenbelasting aangeven bij 'Inkomsten' (Pensioen en andere uitkeringen). Hoeveel belasting u uiteindelijk over uw uitkering(en) betaalt, hangt af van hoeveel premies en stortingen u voor de lijfrente hebt afgetrokken:

  • u hebt alle betaalde premies en stortingen afgetrokken
    Hebt u de premies die u hebt betaald of stortingen die u hebt gedaan volledig afgetrokken? Dan worden de uitkeringen die u ontvangt ook volledig belast. In dit geval kunt u de gegevens van uw jaaropgaaf overnemen in uw aangifte inkomstenbelasting.
  • u hebt niet alle premies of stortingen afgetrokken
    Hebt u de premies die u hebt betaald of stortingen die u hebt gedaan (gedeeltelijk) niet afgetrokken? Dan zijn de uitkeringen die u ontvangt niet altijd belast. Lees hoe dat zit.

U koopt uw lijfrente af

Als u een lijfrenteverzekering afkoopt of tegoed opneemt uit een lijfrenterekening of -beleggingsrecht, moet u hierover inkomstenbelasting betalen. Uw financiële instelling houdt loonheffing in op (een deel van) de afkoopsom. Over welk bedrag u belasting betaalt, hangt af van of u de premies en stortingen hebt afgetrokken.

Let op!

Naast de belasting die u betaalt over de afkoopsom, moet u meestal ook revisierente betalen.

U hebt alle premies en stortingen afgetrokken

Als u alle premies en stortingen hebt afgetrokken is de volledige afkoopsom belast. U kunt in uw aangifte inkomstenbelasting de gegevens overnemen van uw jaaropgaaf.

U hebt niet alle premies en stortingen afgetrokken

Hebt u niet alle premies of stortingen afgetrokken? Dan is de afkoopsom misschien niet helemaal belast. Lees hoe dat zit.

U koopt een kleine lijfrente af

Valt uw lijfrente onder de regeling afkoop kleine lijfrenten? Dan betaalt u over de afkoopsom alleen belasting en premie volksverzekeringen. U betaalt over deze afkoopsom geen revisierente.

Situaties gelijk aan afkoop van een lijfrente

De volgende situaties behandelen wij alsof u uw lijfrente hebt afgekocht:

  • U hebt een lijfrenteverzekering, -rekening of -beleggingsrecht aan iemand geschonken, verkocht, beleend of verpand.
    'Beleend' betekent dat u een lening hebt opgenomen met de lijfrente als onderpand.
  • U bent niet meer de rekeninghouder van de lijfrenterekening.
  • U hebt het tegoed van de lijfrenterekening gedeblokkeerd.
  • U hebt uw polis zo laten veranderen dat uw lijfrente niet meer aan de voorwaarden voldoet.
  • U hebt de lijfrentetermijnen niet tijdig laten ingaan of de lijfrente niet tijdig omgezet in een andere lijfrente.

Wanneer betaalt u revisierente?

In de volgende situaties hebt u achteraf gezien te weinig belasting betaald en moet u revisierente betalen.

  • U koopt een lijfrenteverzekering af.
  • U neemt het tegoed van een lijfrenterekening of lijfrentebeleggingsrecht in 1 keer op.

U moet zelf de revisierente berekenen en in uw aangifte inkomstenbelasting aangeven.

Wanneer betaalt u geen revisierente?

U betaalt nooit revisierente over een afkoopsom van een oud-regime-lijfrente. Dit zijn lijfrenten die zijn afgesloten:

  • vóór 16 oktober 1990
    De premie mag daarna niet zijn verhoogd, behalve als dat mogelijk was door een clausule in die polis.
  • op 16 oktober 1990 of later, maar uiterlijk op 31 december 1991, en waarvoor na 31 december 1991 geen premie is betaald (het gaat hier meestal om lijfrenten waarvoor eenmalig een koopsom is betaald).

Let op!

Is uw oud-regime-lijfrente aangepast aan de voorwaarden voor premieaftrek onder de Wet inkomstenbelasting 2001? En koopt u dat deel van de lijfrenteverzekering af? Dan moet u over de afkoopsom van dat deel wél revisierente betalen.

U betaalt ook geen revisierente als u voldoet aan de voorwaarden voor afkoop lijfrente bij arbeidsongeschiktheid, of als uw lijfrente onder de regeling afkoop kleine lijfrenten valt.

Revisierente berekenen

U kunt zelf met een hulpmiddel de revisierente berekenen die u over uw afkoopsom betaalt.

De revisierente is meestal 20% van de waarde in het economisch verkeer van de lijfrenteverzekering, het tegoed van de lijfrenterekening of het lijfrentebeleggingsrecht. Bij afkoop van een lijfrente is de waarde in het economisch verkeer gelijk aan het belaste deel van de afkoopsom.

Tegenbewijsregeling

Hebt u uw lijfrenteverzekering, lijfrenterekening of lijfrentebeleggingsrecht afgekocht binnen 10 jaar na het afsluiten ervan? Dan kunt u gebruikmaken van de tegenbewijsregeling. Het kan zijn dat u dan minder dan 20% revisierente moet betalen. In het hulpmiddel ziet u het vanzelf als de tegenbewijsregeling voor u voordeliger is.

Voorbeeld

U hebt uw lijfrente in 2019 afgekocht. De lijfrente hebt u afgesloten op 1 januari 2011. Omdat uw lijfrente vóór 1 januari 2022 (binnen 10 jaar na het afsluiten van de verzekering) is afgekocht, kunt u gebruikmaken van de tegenbewijsregeling.

Regeling afkoop kleine lijfrenten

Koopt u een lijfrente af en is de afkoopsom die u ontvangt niet meer dan een bepaald bedrag? Dan valt uw lijfrente onder de regeling afkoop kleine lijfrenten.

Dit betekent dat u:

  • over de afkoopsom alleen belasting en premie volksverzekeringen betaalt
  • geen revisierente betaalt
Tabel afkoop kleine lijfrente
Jaar Afkoopsom is niet meer dan
2021 € 4.547
2020 € 4.475
2019 € 4.404

Wanneer is de regeling afkoop kleine lijfrenten niet van toepassing?

Soms is de afkoopsom op uw jaaropgaaf gelijk aan of lager dan het bedrag in de tabel, maar is de regeling afkoop kleine lijfrenten niet van toepassing. Dit is zo in de volgende 3 situaties:

  • Bij dezelfde verzekeraar liepen op het moment van afkoop nog 1 of meer lijfrenteverzekeringen. Voor de beoordeling of de regeling afkoop kleine lijfrenten van toepassing is, moet u de waarde van die andere lijfrenteverzekeringen bij uw afkoopsom optellen. U telt alleen de waarde van de andere lijfrenteverzekeringen mee waarvan de uitkeringen nog niet waren ingegaan. De regeling afkoop kleine lijfrenten is niet van toepassing als de totale waarde van de lijfrenteverzekeringen meer is dan het bedrag uit de tabel. Dit geldt ook voor een lijfrenterekening en een lijfrentebeleggingsrecht.
  • Uw lijfrente was al ingegaan en u had al eerder een uitkering ontvangen van uw financiële instelling.
  • Het bedrag op uw jaaropgaaf is gelijk aan of lager dan het bedrag in de tabel, maar de afkoopsom zelf was meer dan dit bedrag omdat de financiële instelling voor de loonheffing de afkoopsom heeft verminderd met de premies en stortingen die u niet hebt afgetrokken.

Afkoop lijfrente bij arbeidsongeschiktheid

Bent u (gedeeltelijk) arbeidsongeschikt? Dan kunt u uw lijfrenteverzekering, -rekening of -beleggingsrecht (gedeeltelijk) afkopen zonder dat u daarover revisierente betaalt. 

De voorwaarden voor de afkoop van een lijfrente bij arbeidsongeschiktheid, zonder dat u revisierente betaalt, zijn:

  • U hebt de AOW-leeftijd nog niet bereikt op het moment van afkoop.
  • Het bedrag dat u uit de lijfrente opneemt, mag in 2021 niet hoger zijn dan € 42.460. In 2020 was dat € 41.791 en in 2019 € 41.132. Of een hoger bedrag, maar niet hoger dan uw gemiddelde inkomen van de voorgaande 2 jaren, waarbij u maximaal met een inkomen van € 112.189 in 2020 en € 110.111 in 2019 rekening mag houden. Is het afkoopbedrag hoger dan het maximum? Dan betaalt u wél revisierente over het meerdere. Misschien komt u in aanmerking voor de tegenbewijsregeling. Als u het hulpmiddel Revisierente berekenen over uw afkoopsom invult, houdt u naar evenredigheid rekening met de afkoopsom én de premies. Bekijk het voorbeeld onder deze voorwaarden.
  • U moet een verklaring hebben van een arts waaruit blijkt dat u de komende 12 maanden niet in staat bent uw hoofdberoep of hoofdwerkzaamheid volledig uit te oefenen. Onder 'hoofdberoep of hoofdwerkzaamheid' verstaan we het beroep of de werkzaamheid waarmee u ten minste 70% verdient van uw totale inkomen. Als u deze verklaring naar de verzekeraar of bank opstuurt vóórdat u de afkoopsom ontvangt, kan de verzekeraar of bank daarmee rekening houden bij de inhouding van de loonheffingen.
  • Of u kunt aannemelijk maken dat u een periodieke uitkering wegens arbeidsongeschiktheid krijgt of binnenkort gaat ontvangen. Het maakt hierbij niet uit of u deze uitkering krijgt van een uitkeringsinstantie of van een verzekeraar. U moet dit aangeven bij de financiële instelling waar uw lijfrente loopt.

Voorbeeld: afkoopbedrag hoger dan het maximum

U hebt in 2013 een lijfrente afgesloten. Deze koopt u in 2020 af in verband met langdurige arbeidsongeschiktheid. Uw afkoopsom is € 55.721. Van 2013 tot en met 2019 betaalde u elk jaar € 7.000 premie. Deze hebt u in die jaren volledig afgetrokken in uw aangifte inkomstenbelasting.

In 2018 en 2019 is uw gemiddelde inkomen niet hoger dan € 41.791. Over dit bedrag (75% van uw afkoopsom) betaalt u geen revisierente. Over de resterende € 13.930 (25% van de afkoopsom) betaalt u wel revisierente.

In het hulpmiddel Revisierente berekenen over uw afkoopsom vult u als afkoopsom in: € 13.930. Bij het bedrag van de premies of gestorte bedragen die u hebt afgetrokken, vult u per jaar in: € 1.750. Dat is 25% van uw jaarlijkse premie van € 7.000.

De afkoop geeft u in uw aangifte inkomstenbelasting aan bij lijfrente-uitkering of afkoopsom.

Let op!

Hebt u vanaf 2015 uw lijfrente afgekocht omdat u arbeidsongeschikt bent geraakt? En lag het afkoopbedrag boven het maximale afkoopbedrag? Dan hebt u misschien over het hele afkoopbedrag revisierente betaald. U kan verzoeken om verlaging van de revisierente. U moet namelijk alleen over het meerdere boven het maximale bedrag revisierente betalen. Hebt u van ons al een definitieve aanslag gekregen over het betreffende jaar? Doet u dan een verzoek om ambtshalve vermindering. Dat kan tot 5 jaar na het jaar van afkoop. Als uw aanslag nog niet vaststaat, kunt u een vernieuwde aangifte indienen over het betreffende jaar.

Wat als u premies terugkrijgt die u eerder hebt afgetrokken?

Dan moet u deze premies en stortingen in uw aangifte inkomstenbelasting opgeven als inkomen.

Let op!

Er is alleen sprake van teruggekregen premies als u de lijfrente binnen 30 dagen na het sluiten van de overeenkomst ongedaan hebt gemaakt. Maakt u de overeenkomst na 30 dagen ongedaan? Dan koopt u de lijfrente af en bent u wel revisierente verschuldigd.

Javascript staat uit in deze internetbrowser. U moet Javascript activeren om onze internetsite te zien.