Aftrekken lijfrentepremies

Op deze pagina:

Welke lijfrentepremies mag u aftrekken?

U mag premies en stortingen alleen aftrekken in het jaar dat u deze hebt betaald. Dit mag voor de volgende inkomensvoorzieningen:

Voorwaarden aftrekken lijfrentepremie

Voor het aftrekken van lijfrentepremies gelden voorwaarden.

Nabestaanden

Betaalt u premies voor een lijfrente die (ook) recht geeft op een nabestaandenlijfrente? En voldoet deze lijfrente aan de voorwaarden? Dan mag u de premies aftrekken binnen uw jaar- en/of reserveringsruimte.

Meerderjarig invalide (klein)kind

Hebt u premies betaald voor een lijfrenteverzekering die in de toekomst wordt uitgekeerd aan uw meerderjarig invalide (klein)kind? Dan kunt u deze premies aftrekken als de uitkeringen aan de volgende voorwaarden voldoen:

  • De uitkeringen zijn bestemd om in het levensonderhoud van het (klein)kind te kunnen voorzien. De uitkeringen moeten in verhouding staan met de (woon-) situatie en eigen inkomsten van het (klein)kind.
  • De uitkeringen eindigen bij het overlijden van het (klein)kind.

U mag de premies ook aftrekken als u deze betaalt voor een (klein)kind dat op het tijdstip van de premiebetaling (nog) niet invalide is, maar dit volgens de medische prognose wel zal zijn op de datum waarop de uitkeringen ingaan.

Aanvulling op uw pensioen

Betaalt u premies voor een lijfrenteverzekering of doet u stortingen op een lijfrenterekening of lijfrentebeleggingsrecht? Dan mag u deze premies en stortingen aftrekken in uw aangifte inkomstenbelasting. U moet dan wel aan de volgende voorwaarden voldoen:

  • U moet zelf de premies betalen of stortingen doen.
  • U hebt een pensioentekort.

Alleen aftrek bij pensioentekort

U mag alleen (een deel van uw) premie en storting aftrekken als u een pensioentekort hebt. U kunt ook een pensioentekort hebben terwijl u in loondienst pensioen opbouwt.

Werkt u in loondienst? En betaalt u zelf (een deel van) uw pensioenpremie? Dan mag u deze premie niet aftrekken. Uw werkgever heeft deze premie van uw loon afgetrokken voordat daar belasting over werd ingehouden.

Om te weten of u een bedrag kunt aftrekken, moet u eerst berekenen of u een pensioentekort hebt. Hebt u een pensioentekort? Dan hebt u ‘ruimte’ om een bedrag af te trekken. Uw jaarruimte en uw reserveringsruimte bepalen de maximale hoogte van uw aftrek.

Let op!

Jaarruimte

U mag premies en stortingen voor lijfrente aftrekken als u het jaar ervoor een pensioentekort had. Dit noemen wij de jaarruimte. De jaarruimte 2020 hangt dus af van uw situatie in 2019.

Uw jaarruimte berekent u met het Hulpmiddel Lijfrentepremie vanaf 2016.

Let op!

Bent u geboren vóór 1 september 1953? Dan kunt u geen gebruik meer maken van de jaarruimte 2020. Maar misschien wel van de reserveringsruimte 2020.

Reserveringsruimte

Kunt u uw jaarruimte niet helemaal gebruiken, omdat u in het betreffende jaar minder premies hebt betaald en stortingen hebt gedaan? Dan vormt dit 'niet-benutte jaarruimte'. Het totaalbedrag van alle 'niet-benutte jaarruimtes' is uw 'reserveringsruimte'.

Voorbeeld

Uw jaarruimte is in 2020 € 1.555. U hebt in 2020 € 1.500 betaald aan premies voor een lijfrenteverzekering.

U mag in 2020 € 1.500 aan premies aftrekken. De € 55 die u over hebt, neemt u mee in de berekening van uw reserveringsruimte over een later jaar.

Voor de reserveringsruimte geldt een maximum. U mag nooit meer aftrekken dan dit maximum. Het Hulpmiddel Lijfrentepremie vanaf 2016 berekent wat uw maximale reserveringsruimte is.

Hoelang kunt u de reserveringsruimte gebruiken?

De jaarruimte die u niet hebt gebruikt, kunt u nog in de 7 jaar erna gebruiken in uw reserveringsruimte. Hebt u zowel jaarruimte als reserveringsruimte? Gebruik dan eerst uw reserveringsruimte. Zo voorkomt u dat eerder niet-gebruikte jaarruimte verloren gaat.

Voorbeeld

In uw 'reserveringsruimte 2020' kunt u gebruikmaken van uw niet eerder gebruikte jaarruimtes uit 2013 tot en met 2019. In 2021 vervalt eventuele niet-gebruikte jaarruimte uit 2013.

Hulpmiddel Lijfrentepremie

Wilt u weten welk bedrag u in een jaar maximaal mag aftrekken voor lijfrentepremies of stortingen op een lijfrenterekening of lijfrentebeleggingsrecht? Gebruik dan het Hulpmiddel Lijfrentepremie vanaf 2016. Of voor de vorige/oude jaren de Rekenhulp Lijfrentepremie 2015 en eerder.

Maximumbedrag voor alle lijfrenteproducten samen

Het bedrag dat u maximaal mag aftrekken, geldt voor al uw lijfrenteproducten samen.

Voorbeeld

Uw jaarruimte in 2020 is € 1.600 en u hebt geen reserveringsruimte. U hebt in 2020 € 1.500 betaald aan premies voor een lijfrenteverzekering en € 500 gestort op een lijfrenterekening. U hebt dus totaal € 2.000 betaald voor lijfrenten. 

U mag met gebruik van uw jaarruimte maximaal € 1.600 aftrekken van uw inkomen in box 1. De overige € 400 mag u niet aftrekken in uw belastingaangifte. Niet in 2020, en ook niet in een later jaar. Wel kan hiermee rekening worden gehouden bij de belasting die u betaalt over de uitkering(en) uit uw lijfrente.

Oudedagsreserve of stakingswinst

Bent u (ex-)ondernemer en gebruikt u uw oudedagsreserve of stakingswinst voor de aankoop van een lijfrente? Dan mag u deze soms ook als premie/storting aftrekken. Hiervoor gelden wel aanvullende regels.

Let op!

U bent niet verplicht om de premies voor een lijfrenteverzekering of stortingen op een lijfrenterekening of -beleggingsrecht af te trekken. Maar u betaalt wél belasting over de uitkeringen of afkoopsommen daarvan. Lees meer daarover bij U hebt niet alle premies of stortingen afgetrokken.

Javascript staat uit in deze internetbrowser. U moet Javascript activeren om onze internetsite te zien.