Oudedagsreserve

Tot en met 2022 mocht u jaarlijks een deel van de winst reserveren voor uw oudedagsvoorziening, de fiscale oudedagsreserve (FOR). Sinds 1 januari 2023 kunt u geen oudedagsreserve meer vormen. Een opgebouwde FOR mag op de balans van uw onderneming blijven staan, u mag alleen geen bedragen meer toevoegen.

Hebt u een FOR op de balans staan? Dan blijven de regels gelden rond de afname van de reserve.

Afname of opheffing oudedagsreserve

In de volgende situaties neemt de oudedagsreserve af of wordt deze opgeheven:

  • U koopt een lijfrente voor een inkomensvoorziening, en u vermeldt in uw aangifte de afname van de oudedagsreserve voor hetzelfde bedrag.
  • Het bedrag van de oudedagsreserve is hoger dan het ondernemingsvermogen, terwijl zich daarbij 1 van de volgende situaties voordoet:
    • U staakt de onderneming geheel of gedeeltelijk.
    • U hebt op 1 januari van het kalenderjaar de AOW-leeftijd.
    • U voldoet dit kalenderjaar en het vorige kalenderjaar niet aan het urencriterium.

Een afname of opheffing van uw oudedagsreserve betekent in principe dat u een hogere winst hebt. Maar daar tegenover staat de aftrek van het bedrag dat u betaalt bij de aankoop van een lijfrente.

Overlijden van de ondernemer

Als u overlijdt, moet fiscaal worden afgerekend over de oudedagsreserve. De reserve wordt dan opgeheven en wordt opgeteld bij uw belastbare winst. Maar als uw partner uw onderneming voortzet en de oudedagsreserve overneemt, hoeft er niet te worden afgerekend. Uw partner moet daarvoor een verzoek indienen bij de aangifte.

Javascript staat uit in deze internetbrowser. U moet Javascript activeren om onze internetsite te zien.