Voorbeeld van btw-carrouselfraude

Ondernemer A uit Groot-Brittannië levert goederen aan ondernemer B in Nederland. Omdat dit een intracommunautaire levering is (een grensoverschrijdende levering binnen de Europese Unie) levert ondernemer A de goederen tegen het 0%-tarief. A brengt B geen btw in rekening, A hoeft dus ook geen btw af te dragen.

Ondernemer B verkoopt de goederen vervolgens in Nederland aan ondernemer C. B brengt hiervoor btw in rekening. Die btw moet B afdragen aan de Belastingdienst, maar dit doet hij niet. Ondernemer C heeft btw betaald aan ondernemer B, C kan die btw aftrekken als voorbelasting.

C levert de goederen weer door aan ondernemer A in Groot-Brittannië. Omdat dit een levering is tussen 2 EU-landen, levert C de goederen tegen het 0%-tarief. De carrousel kan weer opnieuw beginnen.

In dit voorbeeld is ondernemer B de fraudeur; hij draagt de ontvangen btw niet af aan de Belastingdienst. Ook A en C kunnen bij de carrouselfraude betrokken zijn, maar dat hoeft niet. Als de Belastingdienst de fraude ontdekt, is de frauderende ondernemer meestal al verdwenen. Dit heet een ‘plof-bv’. Een plof-bv fraudeert vaak enkele maanden, om daarna met de achtergehouden btw te verdwijnen.

Javascript staat uit in deze internetbrowser. U moet Javascript activeren om onze internetsite te zien.