Inkomensafhankelijke combinatiekorting

Om in aanmerking te komen voor de inkomensafhankelijke combinatiekorting moet een kind bij de gemeente staan ingeschreven op uw woonadres.

Wie zien wij als uw kind?

  • een eigen kind
  • een stiefkind
  • een pleegkind, alleen als u deze opvoedt en onderhoudt als een eigen kind
  • een geadopteerd kind
  • een kind uit een eerdere relatie van uw echtgenoot of geregistreerd partner
  • als u samenwoont of een huisgenoot hebt en u bent fiscale partners, beschouwen wij het kind van die fiscale partner ook als uw kind

Voorwaarden

Om in aanmerking te komen voor de inkomensafhankelijke combinatiekorting moet ook zijn voldaan aan de volgende voorwaarden:

Let op!

Hebt u minder dan 6 maanden een fiscale partner en is uw arbeidsinkomen lager dan dat van uw fiscale partner? Dan telt de fiscale partner niet mee voor de inkomensafhankelijke combinatiekorting.

Pleegkind

Hebt u een pleegkind waarvoor u bijvoorbeeld een pleegvergoeding ontvangt? Dan hebt u geen recht op den inkomensafhankelijke combinatiekorting.

Wanneer bent u co-ouder?

U bent co-ouder als u met uw ex-partner hebt afgesproken om de dagelijkse opvang en opvoeding van uw kind ongeveer gelijk te verdelen. Hoe deze verdeling wordt beoordeeld, hangt af van het feit of de aanslag na 13 maart 2020 is opgelegd, of dat de aanslag daarvoor is opgelegd maar op die datum nog niet onherroepelijk vast stond. Een aanslag staat onherroepelijke vast als de termijn van 6 weken voor bezwaar, beroep, hoger beroep of cassatie is verstreken.

Voor onherroepelijke vaststaande aanslagen tot 13 maart 2020

U bent co-ouder als uw kind ten minste 3 hele dagen per week bij u verblijft en 3 hele dagen bij de andere ouder. Met 3 hele dagen wordt 3 keer 24 uur per week bedoeld. U voldoet ook aan deze eis als uw kind om de week bij u is en om de week bij de andere ouder.

Vanaf 13 maart 2020

U bent co-ouder als het kind in een vast ritme gemiddeld ten minste 3 dagen per week bij elke ouder is. Ook dagdelen tellen hier mee. Het gemiddelde aantal dagen kunt u ook beoordelen over een periode van langer dan 1 week.

Voorbeeld

In week 1 woont uw kind 2 dagen bij u, en 5 dagen bij uw ex-partner. In week 2 woont uw kind 4 dagen bij u, en 3 dagen bij uw ex-partner. Gemiddeld over 2 weken woont uw kind dan 3 dagen per week bij u, en 4 dagen per week bij uw ex-partner. U voldoet aan de eis dat de dagelijkse opvang en opvoeding van uw kind ongeveer gelijk verdeeld is tussen u en uw ex-partner.

U hebt een fiscale partner

Hebt u een fiscale partner? Hieronder staat een aantal voorbeelden. U kunt deze gebruiken om na te gaan of u recht hebt op de inkomensafhankelijke combinatiekorting.

Uw arbeidsinkomen is hoger dan een vastgesteld bedrag

In de volgende tabel kunt u zien hoe hoog uw arbeidsinkomen moet zijn om recht te hebben op de inkomensafhankelijke combinatiekorting.

Jaar van aangifte

Arbeidsinkomen

2020

meer dan € 5.072

2019

meer dan € 4.993

2018

meer dan € 4.934

Arbeidsinkomen even hoog

Hebt u een fiscale partner en is het arbeidsinkomen van u en uw fiscale partner even hoog? Dan krijgt alleen de oudste van u beiden de inkomensafhankelijke combinatiekorting.

Hoogte inkomensafhankelijke combinatiekorting

De hoogte van de inkomensafhankelijke combinatiekorting is afhankelijk van de hoogte van uw arbeidsinkomen:

Uitbetaling inkomensafhankelijke combinatiekorting

Hebt u een inkomen boven € 5.072 en betaalt u geen of weinig belasting over uw inkomen? En hebt u meer dan 6 maanden een fiscale partner die voldoende belasting is verschuldigd? Dan betalen wij de inkomensafhankelijke combinatiekorting mogelijk (voor een deel) aan u uit. Als u aangifte doet of een voorlopige aanslag aanvraagt, ziet u of u hiervoor in aanmerking komt.

Javascript staat uit in deze internetbrowser. U moet Javascript activeren om onze internetsite te zien.